Interview Kathleen Tacquet
“Zelfzorg is: alles laten vallen om naar een groene specht te kijken.”
Zowel in haar eigen praktijk voor rouwbegeleiding als in haar workshops voor Tijd Voor Mij helpt Kathleen Tacquet anderen om beter voor zichzelf te zorgen en grenzen te stellen. Haar kennis en kunde over deze thema’s haalt ze voor een groot deel uit haar eigen ervaring.
In je eigen coachingpraktijk begeleid je mensen bij rouw, verlies en zorg. Je besteedt daarbij veel aandacht aan levend verlies. Wat is dat precies?
Kathleen: “Levend verlies is chronische rouw om iets of iemand die nog aanwezig is, maar niet meer op de manier zoals je die daarvoor kende. Het is het besef dat iets niet meer zal zijn zoals je had gehoopt. Dementie is een goed voorbeeld: de persoon zelf is nog aanwezig, maar het is niet meer dezelfde persoon zoals je die vroeger kende. Bij levend verlies is er dus niemand overleden, maar toch ben je iets of iemand op een bepaalde manier kwijtgeraakt. Zo kunnen bijvoorbeeld kinderen rouwen wanneer ze van school veranderen, of wanneer hun grootouders verhuizen naar een ander land. Het is een vorm van verlies die niet zichtbaar is, en daardoor te weinig aandacht krijgt.”
Naast je eigen praktijk werk je ook als Tijd Voor Mij-coach in het asielcentrum in Poelkapelle en voor het MIRIAM-project in Wevelgem. Kom je daar ook met levend verlies in contact?
“Absoluut. De dames in het asielcentrum hebben vaak heel veel moeten achterlaten: hun land, hun oude leven, hun familie… Voor mensen die met zoveel verlies te maken hebben, is zelfzorg ontzettend belangrijk.”
“De Tijd Voor Mij-workshops vragen wel een andere aanpak dan de workshops en infosessies die ik in mijn praktijk geef, vooral vanwege de taalbarrière. Ik begreep al snel dat ik moest downsizen: eenvoudige voorbeelden geven uit het dagelijkse leven, geen zware theorie. Het is heel bijzonder om te ervaren hoeveel je bij de deelnemers teweeg kunt brengen met een workshop die in feite teruggebracht is tot de kern.”
Lukt het om voorbij de taalbarrière te praten over zo’n kwetsbare thema’s als verlies en zelfzorg?
“Dat lukt zeker, en ik word daar nog altijd heel positief door verrast. Zo had ik een groep bij het MIRIAM-project die nog maar voor de tweede keer was samengekomen, samen met twee begeleiders. Ik zag dat er een paar deelnemers waren die erg geraakt waren door wat we in de workshop deden. Er was een vrouw die al van in het begin tranen in haar ogen had en erg kwetsbare dingen met mij deelde. In gebroken Nederlands, een beetje Frans, een beetje Engels, maar we begrepen elkaar. De begeleidsters vertelden mij nadien dat het erg bijzonder was dat ze zich al op zo’n korte tijd naar mij openstelde. Het was ontzettend mooi om te zien hoe ze mee was in het verhaal en daardoor weer in haar kracht kwam te staan.”
“In het begin was ik bezorgd dat de taalbarrière een probleem zou zijn; talen zijn immers niet mijn sterkste kant. Maar de workshops in het asielcentrum hebben me getoond dat je toch verbinding kunt maken, ook al heb je geen gemeenschappelijke taal. Zo was er in de workshop in Poelkapelle een vrouw die enkel Turks sprak. Ze had een kaartje gemaakt dat ze me wilde laten zien en trok aan mijn arm. Ze keek naar mij en ik voelde meteen die verbinding. Dat verwarmde mijn hart. Ik had er op voorhand geen idee van hoe diep al die ervaringen me zouden raken.”
Wanneer je het hebt over zelfzorg en verlies, praat je dan ook uit eigen ervaring?
“Levend verlies is een rode draad in mijn leven. Enerzijds omdat ik een dochter heb met zware psychische problemen, wat leidde tot een zorgburn-out. Anderzijds omdat ik tijdens die burn-out besmet werd door een teek, waardoor ik de ziekte van Lyme kreeg. Ik werd ook met CVS en fibromyalgie gediagnosticeerd. Ook daar zit een stuk levend verlies: ik ben niet meer wie ik vroeger was. Het is allemaal heel heftig, maar het krijgt mij niet klein.”
“Het is door mijn eigen ervaring met levend verlies dat ik er zoveel aandacht voor heb en andere mensen ermee wil helpen. Het komt immers veel te weinig aan bod en de meeste mensen zijn er zich niet van bewust dat het zo’n impact heeft op hun leven.”
“Ook voor zorgouders en mantelzorgers is er vrijwel geen ruimte, en ook dat weet ik uit ervaring. Alle aandacht gaat naar de persoon die zorg nodig heeft, maar bijna niemand schenkt aandacht aan de person die de zorg verstrekt. Niemand vraagt hoe het met hen gaat of wat ze nodig hebben. Daarom wil ik extra aandacht geven aan zorgouders en mantelzorgers. Ik wil hen een plek geven waar ze even kunnen landen en in veiligheid kunnen vertellen over wat hen op het hart ligt. Samen kunnen we dan kijken naar hoe ze voor zichzelf kunnen zorgen en grenzen kunnen stellen. Het is erg lastig om een grens te stellen aan iemand die van jouw zorg afhankelijk is. Maar het is broodnodig. Want als jij niet voor jezelf zorgt, kun je op een bepaald moment ook niet meer voor de ander zorgen.”
Hoe zorg jij voor jezelf?
“Ik probeer in de eerste plaats in verbinding te blijven met mezelf, en te luisteren naar mijn lichaam en mijn gevoelens. Voor mij is dat de basis van zelfzorg. Op die manier probeer ik aan te voelen wat ik op dat moment nodig heb.”
“Een andere manier van zorgen voor mezelf is genieten van de kleine dingen. Er zit al twee maanden een groene specht in onze tuin, en telkens ik die vogel zie, laat ik alles vallen om naar hem te kunnen kijken. Ik kan daar oprecht van genieten: kijken naar die specht. Als ik hem gezien heb, kan mijn dag niet meer stuk. Dat is mijn kleine ‘fonkeling’. Gebeurt er daarna iets vervelends, dan denk ik even terug aan die specht, aan mijn fonkeling, en dan lijkt de dag weer wat lichter.”
Heb jij een powersong?
“Tina Turner, dat is voor mij echt een powerwoman. Ik heb haar verschillende keren live aan het werk gezien, en dat was altijd fantastisch. Simply The Best is mijn powersong. Als dat nummer opstaat, moet ik altijd meezingen (lacht).
Wil je meer informatie over Kathleen’s praktijk in rouwbegeleiding, surf dan naar www.debergpas.be of schrijf naar info@debergpas.be.