Uus Knops: "Anderen helpen is nobel, maar verlies ook de verbinding met jezelf niet"

<br />
<b>Notice</b>:  Undefined index: items in <b>/home/femma/apps/production/releases/20190805082358/frontend/cache/compiled_templates/7f6f1d63cd823f409c63dea54b7cfbfb_detail.tpl.php</b> on line <b>99</b><br />
{$items.title}

Ze blijven maar komen; de talloze initiatieven om elkaar door deze moeilijke coronatijd te loodsen. Een maatschappij waarbij we wel vaker het woord individualisme in de mond namen, is op enkele weken veranderd in een wereld waar we elkaar meer dan ooit steunen. Nabijheid in tijden van afstand; het is de mooie kant van het verdomde coronavirus. Psychiater Uus Knops vindt dat niet eens zo vreemd: “we hebben allemaal dezelfde vijand en hetzelfde doel. Daarnaast kunnen we állemaal getroffen worden. Dat wakkert de solidariteit en verbinding meer dan ooit aan’.

“In afwachting van je eten krijg je op restaurant al eens een vrolijke placemat met wat kleurrijke bezigheden voor de kinderen. “Wat moet ik hier nu mee?”, vroeg ons neefje zich luidop af. Onze  dochter schoot hem te hulp: “Hier zie je allemaal cijfertjes, en die moet je in de juiste volgorde met  elkaar verbinden. Wat dat is, verbinden? Wel, een verbinding is een lijntje. Je trekt een lijntje van cijfertje 7 naar cijfertje 8. Dan heb je een verbinding.” Het leidde ons tot een uitgebreid gesprek over verbindingen. Over de lijn tussen een visser en een vis, over de draad tussen twee conservenblikken. Het ging niet alleen over zichtbare, maar ook over onzichtbare verbindingen, zoals die tussen neef en nicht. Of tussen het bestelbakje van de dienster en de keuken.

Verbinding. Je kan je in deze tijden niet voorstellen dat je het nog zonder doet. Zonder verbinding geen trein naar je werk. Zonder verbinding geen telefonisch overleg, ook geen vlotte werking van je  elektronisch dossier. Zonder verbinding geen hechte teamwerking, geen oprecht patiëntencontact, geen zelfzorg. We staan in verbinding met onszelf en met de ander via reële en virtuele netwerken. Bij een tegenslag ontdek je hoe stevig de draden van je sociale netwerkweb geweven zijn.”
                Deel uit column Uus Knops - uit De Nieuwe Psychiater- maart 2020


Wat heeft een goede verbinding nodig?
Ook al moeten we nu afstand houden van elkaar en leven we voornamelijk binnenshuis, afstand is niet het belangrijkst als het over verbinding gaat. Wel heeft de verbinding letterlijk en figuurlijk een gezicht nodig, omdat dat net onze empathie aanwakkert. Als we geld willen inzamelen voor de hongersnood in Afrika, dan loopt dat inzamelen moeilijk tot er een beeld wordt verspreid van een kind dat zwaar honger lijdt. Verbinding en empathie wordt mogelijk doordat de ander een gezicht heeft.

Bij rampen zien we ons prosociaal gedrag ineens significant toenemen. Waarom enkel dan?
Ik denk dat je onderschat hoe dat los van deze gebeurtenissen in het dagelijks leven ook gebeurt. Kijk maar naar de talrijke vzw’s en vrijwilligers die zich elke dag belangeloos voor een ander of de maatschappij inzetten, of vraag maar eens rond bij je vrienden hoeveel er maandelijks storten voor een ngo? Solidariteit is van alle tijden. Het krijgt alleen niet altijd zoveel aandacht als nu. Maar een overheersende rampspoed zoals die van nu legt een focus op de acties voor dat doel. We hebben allemaal één gemeenschappelijke vijand, en één gemeenschappelijk doel. We kunnen ons ook echt iets voorstellen bij die vijand. Het virus heeft een gezicht gekregen, we hebben er een beeld van en we weten wat het doet. Daarnaast kunnen we állemaal getroffen worden. De mix van al die elementen wakkert de strijdlust en solidariteit aan.

Het feit dat ook de overheid nu drastisch en volop voor onze gezondheid boven de economie kiest, draagt dat bij?
Dat maakt voor velen de verbinding en de gezamenlijkheid groter. Al zijn de economische gevolgen ook niet te onderschatten. We zullen allemaal financieel inboeten. Voor sommigen loert het faillissement helaas om de hoek, met alle gevolgen van dien. Je hoort het wel vaker: ‘zolang we maar gezond zijn’. Het is een cliché, maar het is nog nooit zo waar geweest.

“Je hoort het wel vaker: ‘zolang we maar gezond zijn’. Het is een cliché, maar het is nog nooit zo waar geweest”

Het is mooi om zien dat angst ons verbindt, maar hoe vermijden we dat de angst ons verlamt?
Ik denk dat je beide moet toelaten. Ook de media moet ons daarbij helpen. We moeten kunnen blijven delen dat dit een stressperiode is, die gepaard gaat met angst en stressgevoelens. Daarbij hoort ook het even niet meer weten, het alleen willen zijn. Deel de angst, dan hoeft ze niet te verkrampen.

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat alle lagen van de samenleving bij de verbinding betrokken worden, en we geen sociaal zwakkere groepen uitschakelen?
Het is fantastisch als je dezer dagen beschikt over internet en alle sociale media, want dan zijn hulp en steungroepen slechts één klik verwijderd. Niet iedereen kent die luxe. Vergeet die groep niet, hoor en kijk even rond in en misschien zelfs verder dan je eigen buurt en netwerken. Er zijn gelukkig welzijnsorganisaties bezig om laptops en gratis internet te verschaffen aan groepen die dat nu niet voorhanden hebben.

Hoe houden we het gezond binnen ons gezin?
Probeer het algemeen stressniveau zo laag mogelijk te houden. En nog belangrijker: verlies de verbinding met jezelf niet. Het is heel nobel om er te zijn voor iedereen rondom jou, maar dat kan je alleen goed doen als je sterk in verbinding met jezelf bent. Probeer op een constructieve manier met elkaar te communiceren. Uit voldoende wat je nodig hebt. Is dat een uur in bad, of een wandeling alleen; maak dat kenbaar. Je omgeving plukt er de vruchten van als jouw stressniveau lager is.

“Dit is een kans om te groeien. Laat ons in verbinding met onszelf op zoek gaan naar waar het voor ons echt om draait”

Is dit een kans om op veel vlakken te groeien, als mens en als maatschappij?
Ja, absoluut, het is een kans om te groeien, al is het met de nodige groeipijnen. Laat ons in verbinding met onszelf op zoek gaan naar waar het voor ons echt om draait. Laat ons lange liefdesbrieven schrijven. Laat ons ook de helende kracht van de natuur voelen. Als deel van een geheel doet deze situatie ook een appel op onze solidariteit. Er zijn veel mooie, maar relatief ‘makkelijke’ vormen van solidariteit die de gemiddelde bevolking vlot bereikt, maar denk ook even aan kwetsbare gezinnen, zowel autochtoon als allochtoon, waar er veel spanning heerst. Niet elk gezin heeft ruimte, niet elk gezin heeft mentaal gezonde ouders, … Breid de solidariteit uit naar groepen waar je misschien minder voeling mee hebt, maar die de steun zwaar nodig hebben.

We kregen een schop onder ons kont: tijd om misschien anders te gaan leven. Kunnen we die gedachten vasthouden na de crisis?
Ik wil graag hopen dat de naweeën voelbaar blijven in positieve zin. Op individueel niveau moet dat zeker mogelijk zijn. Maar we zijn gewoontedieren. Het zou kunnen dat we snel terug vervallen in oude patronen. Zelfs al zijn ze oncomfortabel, ze zorgen op een vreemde manier ook voor comfort. Op een beperkt niveau geloof ik wel dat iedereen die nu moeite deed om in elkaars leefwereld te vertoeven en te verbinden, dat straks als een extra kwaliteit van zijn of haar leven gaat beschouwen. Daarnaast kijk ik vooral naar de beleidsmensen. Ik hoop dat ze leren van alle burger- en werkgeversinitiatieven die nu uit grond rijzen en hun nut bewijzen.

“Ik hoop dat de naweeën voelbaar blijven in positieve zin. Maar we zijn gewoontedieren. Het zou kunnen dat we snel terug vervallen in oude patronen”

Concreet voor jou; wat kan de geestelijke gezondheidszorg leren hieruit?
We zijn een lichamelijk gefocuste maatschappij. Corona heeft vooral eerst de focus op de medische kant gezet, wat niet onlogisch is. In tweede tijd kijken we pas naar de mentale gevolgen. Ik ben ervan overtuigd dat we straks een mentaal slagveld zullen hebben. Ik voel dat nu al komen. De appreciatie en de noodzaak van een goed georganiseerde gezondheidszorg zal meer dan ooit duidelijk worden. We zullen meer middelen nodig hebben. De wachtlijsten waren nu soms anderhalf jaar lang. Alle mensen die straks behandeling willen voor uitputting, trauma of complexe rouw willen niet op een wachtlijst botsen.

Tot slot; helaas zijn er heel wat mensen die deze tijd met rouw te maken hebben. We kunnen geen begrafenissen bijwonen, elkaar niet knuffelen. Hoe kunnen we elkaar toch steunen?
Probeer zo nabij mogelijk te zijn. Via beeldmateriaal, telefoon, in gedachten. Stuur een attentie, een kaartje, een sms’je, een bos bloemen, een mooie tekst, een tekening op de stoep. Laat voelen dat je er bent en meeleeft, zoek de symboliek. Het nodigt ons meer dan ooit uit om te komen tot de essentie: op zoek gaan naar een manier om nabij te zijn en je betrokkenheid te laten voelen.

Dit interview verscheen in Femma Magazine mei 2020 en werd geschreven door Evi Renaux. Je kan het magazine hier integraal online lezen deze maand. 
 

Wie is Uus?

42 jaar
Mama van Abel en Gloria
De enige interim psychiater van ons land
Auteur van het boek “Casper – een rouwboek” dat ze schreef n.a.v de verdwijning en dood van haar broer
Veelgevraagd spreker
 

 

Reageer