Recept voor een regenachtige dag

<br />
<b>Notice</b>:  Undefined index: items in <b>/home/femma/apps/production/releases/20190805082358/frontend/cache/compiled_templates/7f6f1d63cd823f409c63dea54b7cfbfb_detail.tpl.php</b> on line <b>99</b><br />
{$items.title}

Soms regent het dan toch een keertje op vakantie. In de Ardennen is een regendag een beetje extra troosteloos: al die natte bomen,  dat natte gras, de donkere wegjes door het druipende bos. . Dan maken we iets lekkers met een hoge troost- en aaibaarheidsfactor: balletjes in tomatensaus, met knapperige krielaardappeltjes erbij. Jammie!

Voor de balletjes heb je nodig:
- 5oo g gemengd gehakt
- Verse tuinkruiden (oregano, tijm) en peper, nootmuskaat, zout.
- 3 tot 4 eetlepels paneermeel
- Een ei
- Een fijngehakt sjalotje, als je dat lekker vindt.

Zo ga je te werk:
Meng het gehakt met al deze ingrediënten en rol er balletjes van, ter grootte van een perzik. Je kan ze bakken of koken. Als ze bovendrijven, zijn ze gaar.
Voor de tomatensaus heb je nodig:
- 1 ui
- 1 of meerdere teentjes knoflook, volgens je smaak
- 2 blikjes gepelde tomaten (of een gelijkaardige hoeveelheid verse tomaten)
- Een glaasje wijn (van de fles die in je koelkast staat, de kleur maakt niet veel uit)
- Olijfolie
- 2 rode paprika’s of puntpaprika’s, in kleine stukjes.
- Peper en zout
- Een handjevol peterselie
Je stooft de gepelde ui en dan de gepelde knoflook in een lepeltje olie, tot ze glazig zijn. Voeg dan de paprika’s toe en laat even verder stoven.  Nu volgen de tomaten en het glas wijn. Laat rustig een tiental minuutjes sudderen, breng op smaak en werk af met de peterselie. Voeg de balletjes bij de saus.
Kook de krielaardappeltjes gaar en dien samen op. Lekker!

Koken voor Starters
Dit is een recept uit ‘Koken voor Starters’, een uitgave van De Praktische School enhier te koop. Hiermee maak je een maaltijd voor 4 personen.
Tip: dit boek is een uitstekend cadeautje om stilletjes in de reistas van je student-op-kot  te verstoppen wanneer die weer naar ‘het kot’ vertrekt, over een paar weken.

 

 

 


Tekst: Eva Brumagne

Reageer