Je kleinkind die je arm vastneemt, dat is geluk

<br />
<b>Notice</b>:  Undefined index: items in <b>/home/femma/apps/production/releases/20190805082358/frontend/cache/compiled_templates/7f6f1d63cd823f409c63dea54b7cfbfb_detail.tpl.php</b> on line <b>99</b><br />
{$items.title}

Foto: Lieven Van Assche

“Het gaat,” zegt ze, “ik heb nooit gedacht dat ik zo oud zou worden.” Ik interview Paula D’Hondt-Van Opdenbosch (93) bij haar thuis, in Haaltert. Ze zit in haar relaxzetel, ingesloten door kranten en boeken. “Lezen en nadenken, zijn mijn grootste bezigheid. Veel meer kan ik niet doen. Ik ben een paar keer gevallen, maar mijn verstand en geheugen zijn nog goed, zij het wat trager.”

“Ik heb hard en lang gewerkt,  van 1948 tot in 2000. Ik was 74 jaar toen ik stopte. Ik ben een kind van de loopgraven, mijn vader was soldaat tijdens WO I. Hij was geknakt door de oorlog, maar zijn verhalen hebben me geïnspireerd om te vechten voor democratie, vrede en verdraagzaamheid. Zelf was ik 14 toen WO II uitbrak. Dat tekent een mens. Ik denk elke dag aan de dood. Mijn vader was spoorlegger bij de Ijzeren weg (de huidige NMBS), mijn moeder is tot haar 10de naar school geweest en kon heel goed kantklossen. We woonden in een klein huisje in Kerksken (Haaltert), in de streek van Aalst. Ik ben een kind van het Daensisme, bezorgd om de arbeiders. Ik heb kardinaal Cardijn ontmoet, wou die volgen tot in het zotte toe. De Beweging was ons leven, onze inzet totaal.”

Meester Paul

“Kort na de tweede wereldoorlog ben ik getrouwd met Paul D’Hondt die onderwijzer was. Hij was heel graag gezien. ‘Dankzij meester Paul, die ons eten bracht tijdens de oorlog, konden we overleven,’ vertelde KAV-kernleden me later. Hij was ook heel actief bij de Kajotters, ging ’s avonds met de fiets zijn KAJ-afdelingen bezoeken. We kregen vijf kinderen: Tin, Hilde, Lieve, Peter en Anne; 10 kleinkinderen en heel wat achterkleinkinderen. Omdat Paul ziek was, stopte hij op zijn 50ste met werken, maar kreeg geen invaliditeitsuitkering, reden waarom ik voltijds bleef werken.”

Geen dienaar van de macht

“We hadden het van thuis uit niet breed, maar dank zij mijn moeders vaste wil, kon ik studeren. Ik was de eerste maatschappelijke assistente bij de NMBS, werkte er van 1948 tot 1974. Het was mijn taak de sociale zekerheid (ontstaan in 1945) te velde te begeleiden, zowel voor de industrie (Bekaert) als voor de openbare diensten (NMBS). Ik bezocht mensen met een klein inkomen, alleenstaanden of ouders die een kindje met een beperking hadden, en bekeek of die hun rechten kregen. Ik heb dat werk heel graag gedaan.
Ik heb nooit voor de beweging gewerkt, ben wel altijd als vrijwilliger actief geweest bij de VKAJ, bij KAV/Femma en bij ACW/beweging.net. Cardijn liet me groeien, de christelijke arbeidersbeweging werd mijn thuis. ‘We maken geen revolutie, we zijn de revolutie.’ Ik was voorzitster van KAV-Kerksken van 1952 tot 1973, arrondissementeel voorzitster van 1968 tot 1973 en lid van het nationaal bestuur. Toen ik in 1952 kandidaat was voor de gemeenteraadsverkiezingen, reageerden de KAV-vrouwen enthousiast, maar begin de jaren ’70 lieten de nieuwe KAV-statuten voor KAV-spilfiguren geen politiek mandaat meer toe. Binnen KAV werkte ik (met Rika Steyaert en Nora Staels) aan Het Statuut van de Vrouw (1968), een visie-tekst over de thuisblijvende en buitenhuiswerkende vrouw die veel reactie teweegbracht. In die tijd ging ik het Statuut uitleggen op tal van zondagse ledenvergaderingen, voor vaak vierhonderd of meer vrouwen. Ander KAV-initiatief uit die tijd was Het Project Onderwijs Meisjes, een groots ledenonderzoek in samenwerking met de KUL van Leuven. Onze boodschap aan de ouders was: alle kinderen, ook de meisjes, moeten universiteit kunnen gaan. Die these heb ik begin de jaren ’90 als Koninklijk Commissaris voor het migrantenbeleid herhaald en uitgesproken voor vele duizenden migrantenvrouwen. De maatschappelijk impact van KAV/Femma is op veel terreinen werkelijk enorm geweest: vandaag studeren meer meisjes dan jongens af aan onze universiteiten.”

“Van mijn man kreeg ik alle ruimte om me in te zetten voor de Beweging en de politiek maar hij zei ook: ‘Je mag nooit iemand kwetsen. Nooit!’”

Koninklijk Commissaris voor het Migrantenbeleid

“In 1974 vroeg de Beweging me voor de politiek. Ik was één van de eerste vrouwelijke parlementsleden, zetelde van 1974 tot 1991 voor de CVP (CD&V) in de Senaat. Ik was staatssecretaris van PTT (Post, Telegrafie en Telefonie) van 1981 tot 1988 in de regeringen Martens V tot Martens VII. Ze noemden me tante Paula of tante Post. Ik was de laatste federale Minister van Openbare Werken (1988-1989). Daarna was er in de regering geen plaats meer voor mij. Politiek is hard. Maar Wilfried Martens had iets anders in petto: Koning Boudewijn benoemde me tot Koninklijk Commissaris voor het Migrantenbeleid (1989-1993). Een aartsmoeilijke opdracht, die van 0 begon. Ik ben overal gaan luisteren, sprak met tientallen minderheidsgroepen, probeerde een stem te geven aan de migranten, sprak de waarheid waar die vaak verzwegen werd, werd beschimpt, bespuwd en bedreigd door het Vlaams Belang en extreemrechts. Samen met de Koning bezocht ik Payoke en de Seefhoek in Antwerpen, en ving er de kritiek op van ongeruste gepensioneerden. Ik schreef een lijvig rapport vol aanbevelingen, rapport dat bijna niemand las, behalve Daniël Coens (onderwijs) en Jean-Luc Dehaene (oprichting in 1993 van het  Centrum voor gelijke van kansen en racismebestrijding, het latere Unia). Ik kan niet tegen vrijheidsbeknotting, onverdraagzaamheid en onrecht, maak me vaak zorgen, maar ben ook blij, met wat er te velde gebeurt, denk aan de vele superdiverse Femma-groepen in Brussel (de Quartier-werking) en Vlaanderen, en aan de fusie van Femma met de Federatie Wereldvrouwen op 1 januari 2021.”

Mijn grootste verdriet

“Mijn grootste verdriet is de dood van mijn man. Hij had een rotsvast geloof en is in alle rust en vrede gestorven in 2007. Hij was mijn steun en toeverlaat, mijn zekerheid. Met hem kon ik alles delen, hij was de rots waarop ik kon bouwen. Hij was een ingoed mens, veel braver dan ik (lacht). Als ik onrecht zag, maakte ik me kwaad. Hij zei: ‘Kwets nooit iemand, en word nooit bitter.” Als ‘huisman’ - want dat was hij - zorgde hij voor onze kinderen, maakte de beste soep, vulde belastingbrieven in voor de mensen, en werkte bewust mee aan mijn loopbaan. Ik kreeg alle ruimte om me in te zetten voor de Beweging en om aan politiek te doen. Paul en ik hadden een enorme sterke band. Dat hij er niet meer is, is een domper. Een speciaal verdriet, dat buiten al het andere ligt. Ik mis hem nog elke dag.”

Uw kinderen zijn uw kinderen niet

“Mijn kinderen stellen het goed, ze offeren zich allemaal op voor hun gezin, zoals hun vader heeft gedaan, en dat stemt me blij. Ze dragen allemaal een stuk van onze idealen mee, maar ze hebben het druk. ‘Uw kinderen zijn uw kinderen niet,’ zegt de Profeet. Wat mag je (nog) verwachten van je kinderen? Dat zijn dagelijkse vragen. Moei je niet en verdedig je niet. Wie dat doet, is zijn kinderen kwijt. Als ouder moet je vaak slikken. Wij zijn de eenzame generatie. Aanvaarden is het sleutelwoord, dankbaarheid het hoogste goed. Niet kunnen danken, is een erge kwaal. Geluk zit in kleine dingen. Je kleinkind die je arm neemt en een kleine wandeling met je maakt. Of iemand die vraagt hoe het met jou gaat.”

“Het leven is niet altijd een cadeau met een grote strik rond. Het is vaak herbeginnen. Toch ben ik dankbaar, dankbaar om alles wat mijn leven mij gaf.”

Sterven doe je alleen

“Paul had een rotsvast geloof. Toen hij op zijn ziekbed lag, in 2007, zei hij: “Ik ga sterven.” En hij stierf, in alle rust. Hij had vrede met zijn dood. Kardinaal Cardijn (1882-1967) niet. Die wou blijven vechten. ”Moet ik nu echt gaan,” vroeg hij op zijn sterfbed aan zijn naaste medewerker Marcel Vandewiele (die later in 1979 de eerste ACW’er in het Europees parlement werd, dc). Ik wil ook blijven vechten maar mijn lichaam roept me een halt toe. Ik betaal me blauw aan thuiszorg: ’s morgens, in de voormiddag (Familiehulp), in de vooravond, ’s nachts. Een tijdje geleden vroeg een verpleegkundige: ‘Hoe is ‘t?’ Ze stelde gerichte vragen. Ze dekte de pijn niet toe, maar ze was er wel. Ik ben echt dankbaar voor die hulp. Of ik in het hiernamaals geloof? Als je in God gelooft, als je in het begin gelooft, als je in veel mensen gelooft, dan moet er een manier zijn om rustig te gaan. En toch sterf je alleen. Er mogen er duizend rond jou staan die uw lof zingen, je sterft alleen. Ik bid maar zeg niks. Ik probeer de figuur van Jezus uit te diepen. Ik heb bang om te sterven, maar laaf me aan wat mijn man heeft gezegd. Stel dat er een plaats is waar het niet goed is, en mijn man is daar, dan zou ik daar naartoe gaan. Hoe meer ik aan hem denk, hoe beter mens ik me voel, en hoe milder ik word. Ik ben dankbaar om wat het leven mij gaf.”

Reacties

GIna Daems schreef

Wat een prachtige vrouw !!!

Ze inspireerde veel vrouwen in onze beweging

Ik mag me daar gelukkig bij rekenen

Monique Deroo schreef

Prachtig!

Miet Bongaerts schreef

Mooi, sterke getuigenis en heel ontroerend. Ze geeft een beeld v/h verloop van het leven en blijft dankbaar tot in haar laatste levensjaren. Sterk!

Christine Beijlemans schreef

Mevrouw Paula D’Hondt, een voorbeeld voor ons allemaal!!! Reeds jaren heb ik haar activiteiten gevolgd! Steeds met grote bewondering voor de manier waarop zij zich ten dienste stelde voor de materie waar ze mee bezig was. Telkens moest ik concluderen dat de mens, menselijkheid en medemenselijkheid haar grootste drijfveren waren.

In mijn lessen godsdienst( ik studeerde theologie) gebruikte ik vaak en maar al te graag haar persoon als voorbeeld. Telkens ik over Mevr Paula sprak voelde ik een zekere warmte in mij opborrelen.

Graag zou ik een stukje van haar persoonlijkheid bezitten.

Leven om te dienen, niet om gediend te worden! Dat is zeker van toepassing op deze uitzonderlijke vrouw.

Ik ben blij en dankbaar om wat ze voor onze samenleving gedaan heeft!

Ik wens haar nog vele momenten van geluk en vreugde toe, met de kinderen maar vooral met de kleinkinderen!

Bedankt Paula, en hopelijk is er ooit voor mij een plaatsje naast jou, in de hemel

Marijke Boonen schreef

Paula D'Hondt is een prachtvrouw ! En wij ' Femma van Kerksken' kunnen het zeker weten en beamen dit! Wij hebben aan haar een groot en mooi voorbeeld gehad! Enkele maanden geleden zijn wij met onze femmakernleden bij haar op bezoek gegaan, er werden allerlei anekdotes verteld...we kunnen hiermee nog lang doorgaan....over haar...over haar echtgenoot die we ook heel goed kenden...enz...Zij waren zelfs onze goede buren! En Paula blijft steeds zichzelf! Een aangename en vlotte prater hetzij een beetje langzamer, maar zij onthoudt werkelijk alles! Hopelijk blijft ze nog lang in goede gezondheid en mogen we haar zeker en vast met onze groep nog eens bezoeken! Bedank Paula, vooral voor uw aandacht voor en met vrouwen!

vera de smet schreef

Paula is nog bij ons dit gesprek zou nu openbaar moeten gemaakt worden men heeft na de oorlog tot nu de verrechtsing in de hand gewerkt ( kijk maar naar Aalst )de partijen in 2019 en 2020 niet dat deze beelden duizenden mensen de dood heeft ingejaagd schaam U schaam U.............Dank u Paula

Rita Heyde schreef

Deze vrouw is een voorbeeld voor ons allemaal!

Wij vrouwen hebben een speciale gave ontvangen : we zijn krachtig, moedig, liefdevol en mogen leven vanuit die Grote liefde. Ik wil een liefdevolle God benoemen!

Bedankt Paula, ik lees meermaals uw getuigenis!

Mieke Nuyttens schreef

Ik woon in de wijk Rabot, de armste en de meest multiculturele wijk van Gent. Als koninklijk commissaris voor het migrantenbeleid bezocht Paula D'Hondt Elele, een groep van Turkse vrouwen. KAV St. Jozef was er ook bij. Dat bezoek stak alle

vrouwen een hart onder de riem. En grappig was dat alle Turkse vrouwen op de foto wilden met Paula en heel amicaal hun arm op haar schouders legden. Een warme herinnering.

Mieke Nuyttens

Stef Steyaert schreef

Ik herinner me Paula D'Hondt heel goed. Ze was een goede vriendin van mijn (groot)tante Rita Steyaert. Ze kwam veel in onze toenmalige boekwinkel in Brussel, De Plukvogel, en sloeg dan altijd een praatje met mijn grootmoeder. Het was een van de weinige politici die ik echt bewonderd heb voor hetgeen ze uitdroegen. Een heel knappe vrouw.

Decruynaere schreef

Bedankt Paula voor zo'n rijk leven, met zoveel kracht en sterkte. Ondanks ook je tegenslagen ben je een voorbeeld voor alle vrouwen. Het zinnetje: "niet bemoeien" was ook een slagzin van mijn man en dus zeker 'n stimulans om het in mijn leven nog in herinnering te brengen. Geniet nog verder van alle mooie dagen!

Van Weverberg linda schreef

Bedankt Paula,

Zo’n vrouwen zouden er meer moeten zijn, zoals jij.

Geniet nog van de mooie momenten.

Reageer