Inkomen vrouwen ligt 38 % lager dan dat van mannen

Resultaten van de jongste studie van het Instituut voor Gelijkheid van Mannen en Vrouwen.

Brussel, 14 juni 2012. Het inkomen van vrouwen ligt 38 % lager dan dat van mannen. Binnen een koppel is er een verschil van gemiddeld 46 % tussen het inkomen van vrouwen en dat van mannen. En 36 % van de vrouwen loopt het risico in armoede te leven. Het zijn slechts enkele van de opmerkelijke conclusies uit Gender en inkomen, de jongste studie van het Instituut voor Gelijkheid van Mannen en Vrouwen. De studie toont volgens Femma nogmaals aan dat het hoog tijd is voor een genderbeleid. Sociaal-economische en fiscale maatregelen zullen nooit efficiënt zijn als ze voorbij gaan aan de ongelijkheden tussen mannen en vrouwen.

Vernieuwend aan de studie is dat ze diep ingaat op het persoonlijk inkomen van mannen en vrouwen en dit ongeacht hun leefwijze of het gezin waar ze toe behoren. De studie houdt niet alleen rekening met inkomen uit arbeid (loon, vakantiegeld, eindejaarspremie,..) maar ook met inkomsten uit (on)roerende goederen en met de zogenaamde ‘overdrachten van de staat’ (werkloosheidsvergoedingen, ziekte- en invaliditeitsvergoedingen, pensioen..)

Grote financiële verschillen
De resultaten tonen grote verschillen aan tussen mannen en vrouwen. In 2006 lag het netto inkomen van vrouwen gemiddeld 38 % lager dan dat van mannen. De inkomens uit arbeid liggen gemiddeld 28 procent lager, de pensioenen 34 % en de werkloosheidsuitkeringen 31 %.

Voor vrouwen is het risico op financiële afhankelijkheid (armoede) driemaal groter dan voor mannen. 36 % van de vrouwen en 11 % van de mannen lopen het risico op financiële armoede. Voltijds werken is het beste middel om financiële afhankelijkheid te voorkomen. De weerslag van werkloosheid en pensioen op het armoederisico is veel groter voor vrouwen dan voor mannen. Dat komt onder meer omdat vrouwen veel meer onderbroken en deeltijdse carrières hebben, en te weinig individuele rechten in de sociale zekerheid hebben opgebouwd.

Vrouwen zijn het meest financieel kwetsbaar als ze in een koppel leven. Bij 42 % van de koppels is één van beide partners financieel afhankelijk en doorgaans (90 %) gaat het om de vrouw. Het inkomen van mannen in een koppel is gemiddeld ook 46 % hoger dan dat van de vrouwen in een koppel.

Als een koppel uit elkaar gaat, blijkt het inkomen van de man met 6 % toe te nemen, dat van de vrouw met 40 %. Maar ondanks die sterke toename blijft het gemiddeld inkomen van de vrouwen lager dan dat van de mannen. De toename van het inkomen van de vrouw na een breuk komt hoofdzakelijk door de zogenaamde ‘overdrachten van de overheid’.

Grote ongelijkheden in tijdsbesteding
De studie richt zich niet alleen op het financiële aspect van armoede. Het begrip ‘armoede’ gaat uit van het vermogen om als persoon aan het maatschappelijk leven te participeren en een behoorlijk leven te leiden. Niet alleen geld, maar ook tijd en opleiding spelen een rol. De studie verdiept zich in het aspect ‘tijd’ en stelt ook hier ongelijkheden tussen mannen en vrouwen vast. Vrouwen besteden gemiddeld 63 % meer van hun tijd aan huishoudelijke en ouderlijke taken dan mannen: goed voor 10 uur per week! Als het om bezoldigde arbeid gaat, besteden vrouwen hier 44 % minder tijd aan dan mannen. Vrouwen beschikken ook over minder tijd voor rust en sociale of culturele activiteiten dan mannen: 97 % van de tijd die mannen hebben, wat overeenstemt met een gemiddeld verschil van minstens 3 uur per week.

Onvoldoende individuele gegevens
Meten is weten! De belangrijkste databanken die kunnen gebruikt worden om middelen en consumptie te berekenen, beschikken niet over individuele gegevens maar gaan uit van de gezinscontext. Willen we de ongelijkheden tussen mannen en vrouwen wegwerken, dan moeten in de eerste plaats deze gegevensbestanden aangepast worden. Niet het gezin maar het individu moet het uitgangspunt zijn. Vervolgens moeten onze overheden de ongelijkheids- en armoede-indicatoren herzien en op basis daarvan een genderbeleid voeren. Nu gaan de sociaal-economische en fiscale maatregelen en constructies voorbij aan de ongelijkheden tussen mannen en vrouwen, wat de ongelijkheden alleen maar bestendigt. De belastingstelsels en de overdrachten van de staat berusten nog te vaak op het traditionele schema van de man die in de behoeften van zijn gezin voorziet.

Eva Brumagne, algemeen directeur Femma

Reageren? Mail naar  ilse.devooght@femma.be  of contacteer haar op tel. 246 51 53 of gsm 0497 59 35 12

Reageer