Iedereen aan het huishouden

{$items.title}

Uit onderzoek blijkt dat kinderen die thuis huishoudelijke taken krijgen meer zelfvertrouwen hebben, verantwoordelijkheid kweken en beter zijn in het omgaan met frustratie. Tot zover de theorie, want hoewel heel wat ouders gefrustreerd zijn over de hoeveelheid huishoudelijke taken en die heel vaak op dezelfde schouders komen, lijkt het niet zo evident om in praktijk om te zetten.

En nee, ook bij ons loopt niet alles perfect.  Maar met die huishoudelijke taakverdeling lijkt het toch wel goed te gaan. Onze kinderen van 14, 10 en net geen 9 jaar kunnen je heel vlotjes een lijstje geven van taken die ze heel regelmatig opnemen:  opruimen, stofzuigen, dweilen en afstoffen, was plooien en in kasten opbergen, vaatwas in- en uitruimen, aardappelen schillen en groenten snijden, bedden verschonen, …

En natuurlijk wordt er wel eens gemord en vergeleken wie meer/minder doet, maar toch doen ze het telkens weer zonder al te veel geruzie.

En toen kwam Corona

Ineens ligt heel de routine door elkaar.  De kinderen heel de dag thuis.  Voor de oudste werd het online onderwijs via de laptop.  De kleinsten kregen éénmaal per week contractwerk per mail en besteedden zo’n uurtje per dag aan schoolwerk.  Zij vullen de rest van de dag met op de boerderij wat helpen met papa, buitenspelen (want gelukkig droog weer) en wat schermtijd zo nu en dan. 
Papa blijft aan het werk op de boerderij.  Mama kan gelukkig volledig telewerken.

Na een week in de nieuwe situatie viel het me ineens op:  na het afsluiten van de laptop ruim ik op, stofzuig ik, …  doe ik het één na het ander huishoudelijk taakje terwijl ze vrolijk buiten spelen. 

Ik had (meer dan anders) de indruk dat ik van het ene werk in het andere rolde en er weinig tijd was voor rust. 

Voor de kinderen was de routine van thuiskomen, huiswerk maken, huishoudelijke taakjes én dan plezier weg!   Zij dachten er natuurlijk niet spontaan aan om naar binnen te komen om te helpen.  Het blijven kinderen.

Dus eerste tip:  nieuwe situatie = nieuwe afspraken!

Ik ondervond een bekende valkuil:  heel vaak als vrouwen minder betaald gaan werken nemen ze snel meer huishoudelijke taken en zorg op.   Vaak (veel) meer uren extra zorg dan de uren betaald werk die wegvielen.  Op die manier ervaren ze soms meer stress en tijdsdruk dan toen ze voltijds werkten.  Hierover kun je meer lezen in ons rapport over de combinatie van betaalde en onbetaalde arbeid.

Dus verandert je werksituatie?  Ga dan ook even rond tafel zitten met het hele gezin en maak nieuwe afspraken. 

Nu er geen school is zorgen de kleinsten ervoor dat de aardappelen geschild zijn voor de middag en dat er groentjes worden schoongemaakt en gesneden.  Zo kan ik snel koken en kunnen we gezellig samen eten ’s middags en is er tijd voor een goeie babbel voor een tweede (telewerk)shift van mama en papa.  De oudste zorgt dan weer voor de afwas van de potten na de middag, voor hij opnieuw de les volgt of schoolopdrachten maakt.  Na het telewerk van de mama gaan we dan samen aan de slag voor de rest van de huishoudelijke taken.

Samen huishouden

Het lijkt soms makkelijker om het huishouden aan te pakken zonder (kleine) kinderen in de buurt.  Maar zo zien ze ook niet dat het gebeurt.  Nu jullie toch met z’n alles in jullie kot zijn, is het het ideale moment om ze mee aan het werk te krijgen.

Ik betrok de kinderen al heel vroeg bij het opruimen, dingen opbergen, …  Het kostte extra tijd, maar we zongen, zetten de muziek luid of babbelden over school of iets anders.  Nu is het heel normaal dat de één afwast, een ander opruimt of stofzuigt, terwijl ik strijk en er iemand die was naar de slaapkamers brengt.  Het idee dat je met z’n allen aan het werk bent, frustreert veel minder dan dat je daar alleen staat was te vouwen of af te wassen terwijl de rest voor de televisie zit.

Riedeltjes zoals ‘die rommel is niet van mij’, ‘ik heb dat niet vuilgemaakt’, …  die werken niet.  Iedereen moet zaken opruimen of schoonmaken die niet van zichzelf zijn.  Anders zou mama heel weinig werk hebben :-) Het huis is van ons samen.

Al doende leren ze

Oké, na een stofzuigbeurt door de jongste mag je niet altijd in de hoekjes kijken en de badhanddoeken liggen regelmatig verkeerd om in de kast.  Die eerste keer aardappelen schillen duurde een eeuwigheid.  Maar dat is oké, want al doende én door fouten te maken leert men.  Geduld hebben is belangrijk.  Een nieuw taakje aanleren doe je liefst wanneer je niet gehaast bent, de vakanties zijn ideaal.  Elke fout benoemen is demotiverend voor kinderen.  Dus dat is wat zoeken wanneer wel of niet, bijvoorbeeld bij het handdoeken plooien ga ik dan bewust weer eens helpen en dan toon ik het verschil in de stapeltjes en vraag wat het handigst lijkt.

Belonen?

Hier wordt er vooral verbaal beloond.  Voor huishouden is er geen vergoeding, geen cadeautjes of zakgeld.  That's life kids!  Er wordt wel gestrooid met complimenten.  En ik benoem het effect ook op mezelf:  ‘Wat fijn dat ik niet alles alleen moet doen.  Daar word ik vrolijk van!’  Er is tijd voor wat leukere dingen:  naar hun verhalen luisteren, een wandeling maken, samen iets lekkers maken, een spelletje spelen,… en hopelijk binnenkort weer taxi-mama spelen naar alle hobby’s!  Want de wachttijd is leestijd en die schiet er nu bij in.

Lukt het bij jou om de huishoudelijke taken te verdelen?  En hoe pak je dat dan aan?
Of lukt het niet?  Wat lijkt er in de weg te staan?

Reageer