Hardnekkige rolpatronen - een papa schrijft

<br />
<b>Notice</b>:  Undefined index: items in <b>/home/femma/apps/production/releases/20190805082358/frontend/cache/compiled_templates/7f6f1d63cd823f409c63dea54b7cfbfb_detail.tpl.php</b> on line <b>99</b><br />
{$items.title}

“De kinderen zijn vandaag nog klein
maar morgen groot, je denkt waarom
kan ik alleen maar ouder zijn,
de foto van je jeugd trekt krom”
Herman van Veen - Waar blijft de tijd

In het prachtige maar ook wat tragische lied ‘Waar blijft de tijd’ bezingt Herman van Veen de sleur van het moederschap en het vervliegen van de tijd. Een vrije vertaling van het originele ‘On ne voit pas le temps passer’ van Jean Ferrat. Terwijl vader de krant leest, doet de jonge moeder de strijk en de was, zorgt ze voor de kinderen (minstens drie of vier) en verliest ze zich in de dagdagelijkse beslommeringen van het huishouden en de opvoeding. Het beschreven tafereel speelt zich af in de jaren ’60 van de vorige eeuw, bijna vijftig jaar geleden. Het stereotype beeld van de dienende huisvrouw en de ‘kostwinnende’ man die na een werkdag de beentjes onder tafel schuift en vervolgens languit neerploft in de zetel, is intussen – gelukkig maar – al even achterhaald. Een modaal westers gezin is (willens nillens) geëvolueerd naar een tweeverdienershuishouden, waardoor van beide partners verwacht wordt dat zij minstens een deel van de huishoudelijke taken en de opvoeding op zich nemen. Dat is ook thuis het geval.

Zoals de meeste papa’s die ik ken, doe ik oprecht mijn best om mijn steentje bij te dragen. Meestal zelfs van harte. Luiers verversen, flesjes geven, het speelgoed opruimen, dollen met de kleintjes dat het een lieve lust is (“samen spelen, papa?!”). Maar het zal wellicht nooit genoeg zijn. Het gros van de huishoudelijke en verzorgende taken blijven mijn partner toebehoren. Als een soort van vanzelfsprekende eindverantwoordelijkheid. Dat is soms wél (beetje gemakzuchtig, andere belangrijke dingen te doen, te macho, …) en soms niet mijn schuld. Soms zie ik gewoon niet hoeveel werk er op de plank ligt. Of ontbreekt het me aan het talent of het benul om op het eerste zicht eenvoudige verzorgende taken binnen een aanvaardbare timing tot een goed einde te brengen, en worden ze mij snel en met veel misbaar weer uit handen genomen. Dan vlucht ik zoals de meeste papa’s met al mijn onhandige nukkigheid naar de tuin of het rommelhok of begraaf ik mezelf in niet zo dringende administratie (“iemand moet het toch doen”). En moeke vult de gaten op.

[Een gewaagde gedachtengang maar ik schrijf hem bij wijze van boutade toch neer: misschien staan zorg en huishouden, ondanks alle goede wil, de verander(en)de tijdsgeest en de langzame ommeslag in onze voorgeprogrammeerde hersenen, gewoon nog altijd te ver van onze natuurlijke zijnstoestand als man (jager, veroveraar, beschermer, stamhoofd, …). Ik hoor een zucht van vrouwelijke verontwaardiging over mij heen dalen. But don't blame me, blame Darwin. Of Dirk Draulans.]

Even serieus nu. We hebben de voorbije halve eeuw een lange weg afgelegd maar van gelijkwaardigheid op zorg- en huishoudelijk vlak is nog lang geen sprake. Daar zijn jonge vaders (correcter: vaders met jonge kinderen) zoals ik, zich ter degen van bewust. Ik heb de voorbije weken vaak moeten denken aan het boek ‘Sterke vaders’ van Lars Anderson. Daarin beschrijft de auteur hoe moeilijk het is om de gangbare rolpatronen binnen de zorg en de opvoeding om te draaien (zijn vrouw gaat snel na de bevalling terug werken, hij blijft thuis om voor de baby en het huishouden te zorgen). Wat dit soort experimenten, want in die fase zitten we helaas nog, doen met het zelfbeeld van beide partners en hoe stevig de traditionele opvattingen over het ouderschap maatschappelijk verankerd zijn. Hoe volhardend en gemeen de sociale druk is, die van de verzorgende papa een loserfiguur maakt en van de carrièrevrouw een slechte moeder. Ook dat heeft ongetwijfeld te maken met historisch gegroeide en evolutionaire ontwikkelingen, maar veel erger, het zit nog steeds structureel ingebakken in de manier waarop onze arbeidsmaatschappij vandaag is opgebouwd. Een carrière met ambitie wordt niet onderbroken door enkele maanden ouderschapsverlof. En zeker niet twee of drie keer. Thans bewijzen de Scandinavische landen (met Zweden als voorbeeldland) dat het wél kan, maximaal inzetten op de combinatie van het opvoeden van jonge kinderen en de uitbouw van een duurzame loopbaan. Voor man én vrouw. Met positief gevolg voor de gelijkwaardigheid van vaders en moeders bij het opnemen van de zorgtaken. Een beleidskeuze die men in Vlaanderen tot op vandaag niet wenst te maken.

Vanaf 3 september zullen we ten huize ondergetekende, al deze beschouwingen aan de realiteit toetsen. Dan wisselt Otto de moederschoot en zijn vertrouwde parkje in voor de onthaalmoeder (drie dagen per week) en de grootouders (overige twee dagen), mag Finn voor het eerst ganse dagen naar school en gaan papa en moeke weer op volle kracht aan het werk. Allen met een klein hartje, steunend en kreunend op elkaars wankele schouders. Met moeke als onbetwiste rots in de branding.

Deze blog vind je op de site van Bart Derwael.

Reageer