Europese Dag Voor Gelijke Beloning

In België bedraagt de loonkloof ongeveer 22%.

Brussel, 28 februari 2013. Vandaag, 28 februari, is het de Europese Dag Voor Gelijke Beloning. Dat betekent dat vrouwen in Europa gemiddeld 59 dagen langer moeten werken om hetzelfde te verdienen als mannen. In België bedraagt de loonkloof ongeveer 22% (berekend op basis van jaarlonen).

De loonkloof verklaard
Een deel van die loonkloof is pure discriminatie. Dit is het geval wanneer een vrouw exact hetzelfde beroep uitoefent, over hetzelfde diploma beschikt, evenveel uren klopt en evenveel anciënniteit heeft als de man, maar toch minder betaald wordt, louter omwille van het feit dat ze een vrouw is. Het andere deel van de loonkloof is te verklaren door tal van factoren. Zo zijn vrouwen bijvoorbeeld vaker tewerkgesteld in ‘zachtere’ sectoren zoals de zorg, het onderwijs, de schoonmaakindustrie. Daar liggen de lonen lager dan in ‘hardere’ sectoren zoals de chemie of ICT, waar mannen dan weer oververtegenwoordigd zijn.

Eén van de belangrijkste oorzaken van de loonkloof is dat vrouwen vaker deeltijds werken en beroep doen op zorgverloven. Mee dan 4 op de 5 deeltijdwerkers is een vrouw en van al het ouderschapsverlof wordt 73,3% opgenomen door vrouwen. Dit is voor een belangrijk deel te wijten aan de moeilijke combinatie van gezin en arbeid en het feit dat vooral vrouwen de verantwoordelijkheid opnemen voor huishoudelijke-en zorgtaken. Vrouwen besteden gemiddeld 63 % meer van hun tijd aan huishoudelijke en ouderlijke taken dan mannen: goed voor 10 uur per week!

Naast een rechtstreeks effect heeft dat minder werken en het opnemen van zorgverloven een onrechtstreeks effect op het loon van vrouwen. Door een stapje terug te zetten, bouwen ze minder anciënniteit op, krijgen ze minder opleidingskansen, groeien ze minder vaak door naar een hogere functie…

Nood aan meer evenwicht.
De wet ter bestrijding van de loonkloof tussen mannen en vrouwen die op 8 maart 2012 gestemd werd, is een belangrijke stap. De wet stelt dat op alle niveaus het genderdebat bij besprekingen of onderhandelingen op tafel moet liggen. Zo laat de wet toe om in de sociale balans de loonverschillen tussen mannen en vrouwen op ondernemingsniveau zichtbaar te maken. De aanpak van de loonkloof krijgt zo meteen heel wat meer slagkracht. Jammer genoeg is het nog steeds wachten op het de facto in werking treden van de wet. Minister van werk Monica De Coninck gaf begin februari aan dat de wet aangepast moet worden om een aantal juridische en praktische moeilijkheden uit de weg te ruimen. Femma eist dat dit snel in orde komt.

Maar een wet is niet voldoende! Een belangrijk deel van de loonkloof is niet te bestrijden met die wet en is te wijten aan stereotypen. Stereotypen zijn de reden waarom vrouwen vaker in ‘zachtere’ en lager betaalde sectoren werkzaam zijn. Stereotypen liggen aan de basis waarom vrouwen vaker deeltijds werken of zorgverloven opnemen. Het is pas als we ook die stereotypen in vraag stellen en bestrijden dat de loonkloof verder gedicht kan worden.

Dit vraagt een hele reeks aan maatregelen over verscheidenen domeinen. We denken bijvoorbeeld aan het stimuleren van zorg bij mannen door het vaderschapsverlof te verplichten en genderquota in te voeren in het ouderschapsverlof. Dit betekent dat net zoals in Noorwegen, Zweden en IJsland, pioniers op vlak van gendergelijkheid, een deel van het ouderschapsverlof enkel voorbehouden is voor mannen. Ouders hebben in België elk recht op 4 maanden ouderschapsverlof. Men zou die vierde maand enkel kunnen toekennen (ook aan vrouwen) als de man tenminste één ( of twee) maand voor zijn rekening neemt.

Reageer