Bloemen onder de sneeuw

{$items.title}

Door de grote witte poort wandel ik naar de parking van het penitentiair centrum in Brugge. Barbara Dejonghe wacht me op bij haar wagen. Vandaag mag ik haar vergezellen bij een workshop maquillage voor een groepje gedetineerden.

Over het contact met de mensen zelf maak ik me geen zorgen, wel over hoe ik me zal voelen eens de eerste deur achter me in het slot valt, dan de volgende, en de volgende. Tot ik in de buik van deze immense bunker zit, waar tientallen ogen mij in de gaten zullen houden en geen enkele regel mag overtreden worden.

Mijn bezoek is aangekondigd, ik mag mee naar binnen nadat ik ook een badge met foto heb gekregen. Vanavond ben ik totaal onwetend in een onbekende wereld. En ik volg gedwee alles wat mij wordt gezegd. Voor even moet me dat wel lukken, denk ik.

Schoonheidszorgen met psychotherapie

Barbara kent haar weg. “Ik volg altijd dezelfde route, doe altijd dezelfde handelingen. Geen denken aan dat ik daarvan afwijk.” We lopen door lange gangen met verschillende zware deuren.

Ondertussen vraag ik haar wie ze is en hoe ze bij Femma is terechtgekomen. Blijkt dat ze niet enkel een diploma schoonheidszorgen heeft, maar ook een bachelor in gezinswetenschappen. “Nu doe ik mijn 4e jaar psychotherapie. Van beroep ben ik loopbaancoach. Mijn cliënten zijn vooral vrouwen, van alle leeftijden.”

“Ik vind dit zo fijn om te doen”

Een paar jaar geleden reageerde ze op een vacature van Femma en sinds begin 2018 is ze coach. “Ik gaf ook al workshops in een opvangcentrum. Ik vind dit zo fijn om te doen.”

Kokosnoten

“Je gaat het zien”, stelt ze me gerust, “deze vrouwen zijn heel gewoon. Ze genieten ervan om eens niet als gevangene bejegend te worden. Ze leven in constante afhankelijkheid. Daarom laat ik de workshops heel vrij verlopen. Ik leg niks op, ik geef ze vrijheid in wat ze willen doen of waarover ze willen vertellen. Voor mij is het belangrijker dat ze zich even ontspannen, dan dat ik ze echt iets aanleer. Zelfs een simpele aanraking zoals bij een maquillage, weet je wel, dat heeft elke mens zo hard nodig.”

Het is afwachten wie er bij het groepje zal zijn. “Doorgaans komen ze vrij gesloten binnen, houden ze zich eerst stoer. Omdat ze elkaar of mij niet goed kennen. Maar ze zijn als een kokosnoot, eens ze op hun gemak zijn, zie je ook hun zachte binnenkant.”

Crea-lokaal

Meestal is er koffie, soms met koekjes. Vandaag niet, we krijgen een plek in het crea-lokaal. “Je leert je hier neerleggen bij hoe het is,” vertelt Barbara, “er worden geen vragen gesteld naar het waarom. Vorige week werd onze workshop afgelast omdat er stakingen waren. Dan is er die week geen ontspanning of cursus. Iedereen aanvaardt het.”

“Je leert je hier neerleggen bij hoe het is”

Persoonlijk ben ik best blij met deze ruimte. Ze voelt warm aan. Overal hangen tekeningen en schilderijen, de tafel schittert onder de gemorste kleuren.

Barbara vertrouwt me toe: “Ik heb wel wat chocolaatjes bij voor hen. Die geef ik straks. Ze staan mee op de lijst die ik vooraf moet indienen. Tot in detail moet ik opschrijven wat ik bij heb, en als ik vertrek ben ik ook verplicht om alles na te tellen.”

Even geen gevangene, maar gewoon zichzelf

Ze komen samen met een beambte van het penitentiair centrum door de deur, de zes deelneemsters van de workshop. Ze zeggen geen woord. Allemaal dragen ze een roze schort over hun kleren. Eens in het lokaal, zijn er verschillende die hem direct uittrekken. Even gewoon zichzelf, twee uur zonder camera. De beambte blijft op de gang, samen met collega’s die een groep mannen voor een andere cursus vergezellen. Om half 7 is er een pauze van 10 minuten, hoor ik. Tot dan komt er niemand uit het lokaal.

Doina en Nadia

Doina is de enige van de groep die meteen uitstraalt dat ze goed in haar vel zit. Haar mama is Roemeens, haar papa Marokkaans. Haar gezicht is al tot in de puntjes opgemaakt. “Ik ben schoonheidsspecialiste en ik had een beautysalon met vooral Marokkaanse klanten. Ze lieten zich vaak opmaken voor een trouwfeest. Doina is meteen bereid om te poseren voor een foto, ook al wil ze niet dat we die bij dit artikel gebruiken. “Sta ik er goed op? Misschien nog eentje zo? Mag ik nog eens kijken?”

Hoewel Nadia uit Bulgarije komt en Doina uit Roemenië, begrijpen ze elkaar perfect. Ze spreken namelijk allebei ook Roma. Dat is de taal van de Roma-zigeuners over de wereld, zeggen ze. Uiterlijk zijn deze twee elkaars tegenpolen, maar ze hebben een sterke band door hun afkomst.

Ze hebben een sterke band door hun afkomst

Terwijl Doina direct grijpt naar foundations, spiegels en mascara, zit Nadia er met een bedenkelijke glimlach naar te kijken. Nadia wil helemaal geen make-up gebruiken, ook niet tijdens deze workshop. Ze vertelt dat ze zichzelf lelijk vindt met haar vele sproeten. “In de zomer wordt dat nog erger, dan staan ook mijn armen helemaal vol.”

Nadine

Ook Nadine heeft een Marokkaanse vader. Haar moeder is half Belgisch, half Duits. Nadine spreekt Spaans, Frans en Engels, zegt ze. Op haar 22e trok ze naar Spanje. Daar heeft ze 7 jaar gewoond, later 3 jaar in Frankrijk. Ze heeft drie kinderen. Haar dochters van 19 en 22 wonen in Spanje, haar zoon van 20 in België.

Nadine wil me graag vertellen over haar leven. “Ik reis graag, en ik ben geïnteresseerd in andere culturen. Elke keer probeerde ik om een nieuw leven te beginnen op een andere plek, maar dat lukte niet zo goed. 18 jaar van mijn leven heb ik doorgebracht in de gevangenis. Ik ben stom geweest. Ik hield me niet aan de voorwaarden van mijn vrijlating. Daarom belandde ik hier elke keer opnieuw.” Haar gezicht licht op en ze kijkt Barbara aan: “Goed nieuws: ze gaan me nog een kans geven. Binnen enkele weken kom ik vrij!”

“Ze gaan me nog een kans geven”

Nu gaat ze het goed doen, belooft ze. Ze wil sparen en dan terug naar Spanje. Nadine hoopt haar opleiding grootkeuken verder te kunnen afwerken en een jaar of twee bij bv. Lunch Garden aan de slag te gaan. “Ik heb graag contact met mensen, ik zorg graag voor anderen. Ik droom van mijn eigen B&B. Dat zou de max zijn.” In België voelt Nadine zich niet thuis, zelfs al is ze hier geboren en laat ze graag horen dat ze in het Antwerpse een uitgebreide vriendenkring heeft, met een mix van nationaliteiten. “Ook veel Roemeense!” Ze kijkt naar Doina.

Vriendschap

Doina en Nadia zijn gedurig onder elkaar aan het grappen en vertellen in hun taal. Wanneer Doina tussendoor in het Nederlands opmerkt dat het materiaal dat Barbara heeft meegebracht, niet kwalitatief is, antwoordt Nadine: “Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd.” Doina zwijgt. 

Nadia is wat triest, zo blijkt. Ze raakte hier dik bevriend met een andere jonge vrouw uit Zuid-Amerika, die onlangs is overgeplaatst naar een gevangenis in haar thuisland. Iedereen, ook Barbara, beaamt dat ze haar vertrek jammer vinden. Ze nam ook deel aan de workshop. Het was er eentje die veel sfeer en vrolijkheid bracht. Nadia verwacht niet dat ze ooit nog iets van haar zal horen. “Er mag geen contact zijn tussen gedetineerden en ex-gedetineerden”, verklaart Tamara, die aan mijn kant van de grote tafel zit.

Barbara is bijzonder aimabel in haar omgang met de dames, dat doet ze moeiteloos. Ze gaat van de ene naar de andere om hen te helpen en advies te geven. Ze luistert met interesse naar wat ze vertellen, waar het ook over gaat. En ze geeft constant complimenten.

Stille gesprekjes

Joke is het meest van al een gesloten boek. Ze zegt weinig. Ik vraag me af waarom ze meedoet aan deze workshop, omdat ook zij niet veel interesse lijkt te hebben in make-up. Ze ontwijkt mijn blik. Naarmate de avond vordert, wordt het me duidelijk. Joke houdt stille gesprekjes met Barbara. Ze is hier om haar hart te luchten.

Ze is hier om haar hart te luchten

Het is kwart na zes. “Wanneer is de pauze?” vraag Joke. “Ik moet naar het toilet.” Ze loopt onrustig naar de deur en kijkt op de gang, maar ze zet geen voet buiten. De beambte steekt het hoofd binnen: “Nee, het is nog geen halfzeven. Wij komen jullie halen.” Joke moppert niet, ze gaat weer zitten. Het ongenoegen staat wel op haar gezicht te lezen.

Om half 7 stipt is de pauze. Samen met de beambte gaan de vrouwen in hun roze schort naar het toilet en naar de kleine buitenruimte ernaast, om te roken. Nadine beklaagt zich bij het buitengaan in stilte over ‘het heimelijke gedoe’ van Doina en Nadia. Barbara en ik gaan kijken of we in de keuken koffie kunnen krijgen. Ze fluistert me toe dat ze de spanning wel voelt, maar ze probeert te negeren.

Hoera, er is verse koffie, gemaakt door de vaste mannelijke gedetineerde van dienst. De mannen in de andere lokalen blijven binnen. “Zij mogen niet tegelijk met de vrouwen door de gang, weet Barbara. De koffieman ziet mijn verbaasde blik. Hij lacht: “Daar zouden beslist problemen van komen.”

IJzig stil

Na stipt tien minuten pauze komen de dames weer onder begeleiding van de beambte naar het lokaal. De workshop gaat verder. Amper een paar minuten later doet Nadine een uitval naar Doina. “Ik begrijp wel Roma, ik weet dat jullie over mij zitten te roddelen, denk je dat ik het niet weet?” Doina ontkent en blijft kalm, maar haar glimlach laait het vuur bij Nadine nog meer aan. Barbara, de anderen en ik zwijgen. Hoe moeten we hierop reageren? Na een paar woordenwisselingen is het een paar seconden ijzig stil. De workshop gaat verder.

“Ik weet dat jullie over mij zitten te roddelen”

Dan zie ik dat Nadines stoel leeg is. Ze is in de hoek van het lokaal gaan staan, met een donderwolk op haar gezicht, de armen gekruist. Ik glimlach: “Ik was je kwijt, sta je af te koelen? Kom er terug bij, geniet nog even voor het halfacht is. Nog een paar weken en je bent hier weg. Kom.”

Spiegeltje, spiegeltje

Ik wend mijn hoofd af en praat met Tamara en Kathy, die rechts naast mij zitten en zich ondertussen door Barbara laten maquilleren. Ze kwamen daarstraks allebei binnen als weinig geïnteresseerd en teruggetrokken. Lang zaten ze stil te kijken en te wachten, zonder een borsteltje of crème in de hand te nemen.

Maar nu ze aandacht krijgen en ze zichzelf in de spiegel kunnen bekijken met de oogschaduw die Barbara heeft aangebracht, bloeien ze open. Geen van hen wilde eerder op de foto, maar ze vragen me nu of ik er toch een wil nemen. Ze hebben gehoord dat ik Doina beloofde een foto op te sturen. Ik beloof hen hetzelfde.

Ze vragen of ik toch een foto wil nemen

“Doen jullie hier nog andere activiteiten behalve deze workshop?” vraag ik. “Deze workshop is de enige ‘ontspanning’. Er zijn nog taalcursussen (Nederlands, Frans en Engels), een computerles en er is een kookles,” vertelt Tamara, “maar alleen voor mannen, niet voor ons. Dat vind ik niet tof, ik wil ook naar de kookles, zelfs al is het maar een basiscursus. Ik kook graag.”

Barbara vult aan: “ze moeten zich inschrijven voor elke activiteit. En dan is het afwachten wie naar welke cursus mag gaan. Er staan nog 10 mensen op de wachtlijst voor deze reeks.”

Wanneer ik mijn hoofd weer draai naar de overkant van de tafel, valt mijn mond open: Nadine zit weer op haar stoel, heeft zich naar Doina toe gedraaid en laat zich met een glimlach door haar opmaken. Alle spanning is weggesmolten, als sneeuw voor de zon.

Open kelk

Het einde van de sessie nadert. Joke helpt Barbara met de inventarisatie van het materiaal dat terug wordt ingepakt.

Ze waren beduusd toen ze binnenkwamen, en ook al kun je niet zeggen dat ze nu helemaal uitgelaten zijn, ze hebben een glimlach op hun gezicht, ze voelen zich mooi en ze praten voluit. Nadine poseert trots met haar professionele maquillage. Tamara en Kathy schrijven hun naam op mijn blad, zodat ik de foto’s kan sturen. Joke heeft haar praatje kunnen doen en zich nuttig kunnen maken.

Doina en Nadia vallen elkaar in de armen. “Ik ben braaf en rustig, zegt Nadia, en Doina is een brutale, maar ze is een goede persoon, echt.”

Verdorie, denk ik, ze had gelijk, Barbara. Wat een metamorfose. Het laagje koude sneeuw is gesmolten en de kelkjes komen open. De harde schaal van de kokosnoot is gebroken. Barbara stopt hen haar chocolaatjes toe. De ene snoept er meteen van, de ander stopt ze in de zak van haar roze schort.

Wanneer ze alle zes weer naar de vrouwenafdeling zijn vertrokken, praten Barbara en ik nog wat na. “Joke is graag bezig,” zegt ze, maar ze wil hier niet werken voor de paar centen die ze kunnen verdienen om extraatjes te kopen in de gevangeniswinkel. Ze zit veel te niksen op haar kamer. Ze is blij dat ze me kan helpen.”

Ademruimte

We lopen weer het traject van gangen en sluizen af. Ik begrijp Barbara’s voldaanheid volkomen. Het beetje genegenheid en ademruimte die ze kan schenken, is vooral een groot cadeau aan zichzelf.

Na twee uur in de buik van de grijze walvis sta ik gewoon weer buiten. Niet het opgesloten gevoel, maar het gevoel van vrijheid overvalt mij vanavond. Ik ben dankbaar, zo dankbaar dat ik zelf mag kiezen wanneer ik opsta, waar ik naartoe ga, wat ik eet en wie ik wil zien. Dat ik voor alles wat ik wil doen niet eerst hoef te vragen of het mag. En, ooo ja, dat ik open natuur kan opzoeken als ik ademruimte nodig heb.

Het project Tijd voor mij ligt in het hart van ons bewegingswerk. We gaan aan de slag met vrouwen die zich in een socio-economisch kwetsbare positie bevinden. Onze coaches geven hen een kostbaar goed: vrije tijd en me-time. De vrouwen nemen deel aan laagdrempelige activiteiten. De verbinding met andere vrouwen en hun zelfontplooiing maakt hen sterker. Zo krijgen ze kansen om uit de vicieuze cirkel van isolatie en kansarmoede te treden.

Steunen kan hier

Reacties

Lieve Neukermans schreef

mooi getuigenis, dank u wel

Reageer