Over mannenhaat en vrouwennetwerken

{$items.title}

Dit weekend las ik een interview met Anne Theroux, de ex van beroemd auteur Paul Theroux, die een boek schreef over haar scheiding in 1990. Inderdaad, daar had ze even de tijd voor nodig. Ze zegt in het interview: “Ik wilde mijn verhaal vertellen omdat er al zoveel over mij geschreven was door mijn man. ... Dat personage in andermans boeken was ik niet.” Later in het interview oordeelt ze: “Mocht ik vandaag naar Paul en mezelf kijken, zou ik denken: ‘Er schort iets aan de rolverdeling: deze kerel is heftig en gaat te keer tegen de wereld. En zij is de zachte, ondersteunende vrouw, of dat probeert ze toch te zijn.’” Ze schreef dan wel haar verhaal neer in een geslaagde roman. Ze blijft twijfelen over het feit dat ze dat gedaan heeft: “Worden ex-vrouwen niet verondersteld om in alle waardigheid te zwijgen?”. Ze voegt eraan toe: “Ik vind dat ik lang genoeg mijn mond gehouden had. Ik wilde over mijn eigen leven spreken. Eens zien hoe dat voelt.”

Hoeveel ongelijkheid is er er?

Het interview met Theroux las ik nadat ik in volle zon en concentratie ‘Mannen, ik haat ze’ van Pauline Harmange verslond. De titel van haar boek deed me fronsen, de inhoud raakte me des te meer. 

Harmange beschrijft met cijfermateriaal en treffende voorbeelden de overweldigende ongelijkheid tussen vrouwen en mannen. Hoeveel daders van seksueel geweld zijn man? Hoeveel emotionele, mentale en taaklast dragen vrouwen in het huishouden en de opvoeding van kinderen? Hoeveel plek nemen mannen nog in aan de dinertafel, in beslissingsorganen of in de media zonder daarover zichzelf kritisch te bevragen? Dat laatste staat in schril contrast met vrouwen die voor elk levensdomein zelfhulpboeken kopen en coaching volgen om toch maar de beste versie van zichzelf te zijn.

Hoeveel woede is er?

Ik ken al die cijfers en al die voorbeelden. Hoe boos ben ik – zijn wij - hier eigenlijk over? Dat kaart Harmange aan: in welke mate trekken we de macht van mannen in twijfel?  Leren vrouwen niet van jongs af aan om hun boosheid en woede te onderdrukken? In films en soms in het echte leven worden jongens aangemaand om terug te slaan als vorm van verdediging. Als een meisje uithaalt naar een ander, volgt er eerst een shock bij de agressieve daad van dat meisje en raadt men niet aan om terug te vechten, maar om het voorval te vergeten, met verdriet en vernedering tot gevolg.  Bij conflicten worden jongens tot geweld en meisjes tot passiviteit aangemoedigd en dat is voor beiden problematisch.

Wees even zelfverzekerd als een middelmatige man!

Ik lees Harmanges ‘Mannen, ik haat ze’ als een compromisloze oproep om als vrouw uit de schaduw te treden en meer ruimte voor jezelf in te nemen. Het boek spoort aan om als vrouw het juk van je af te werpen om te conformeren en te pleasen. Ik neem het motto van Harmange ter harte als ik weer eens de beste versie van mezelf wil zijn omdat me dat gewenster, succesvoller of meer passend maakt in een dominant mannelijke wereld: “Wees even zelfverzekerd als een middelmatige man!” Harmange schrijft: “Als ik onzeker ben, denk ik terug aan al die middelmatige mannen, die hun middelmatigheid voor competenties lieten doorgaan dankzij een kunstgreep: arrogantie.” Wat een bevrijdend advies!

Sticht vrouwenclubjes

Mannen, ik haat ze! is een ode aan vrouwennetwerken. Als vrouwen samenkomen, ook al is het om te breien of te koken, maken ze plekken waar mannen niet van tel zijn. Vrouwennetwerken zijn een ruimte om jezelf te ontdekken en een broeihaard voor solidariteit. Harmange koestert het zusterschap waarbij vrouwen elkaar ruimte geven en elkaar versterken. “Solidariteit is dan ook nooit onbenullig, maar altijd politiek.” 

Deze omschrijving geeft woorden aan de kracht die ik bij Femma Wereldvrouwen netwerken - in al hun diversiteit - voel.

Reageer