Niet voor niets geleefd

{$items.title}

Op de vraag waarom haar ouders haar niet graag zagen, kreeg Caro Bridts (55) nooit een antwoord. Tot haar dertigste was haar leven een hel. Maar door de warmte en genegenheid van twee leerkrachten, die wel in haar geloofden, besloot ze wat ze had meegemaakt, niet voor niets mocht zijn. Vandaag is Caro ervaringsdeskundige in de armoede en sociale uitsluiting. Ze werkte 15 jaar bij Samenlevingsopbouw Brussel en sinds twee jaar bij Welzijnszorg en Welzijnsschakels. Caro is een heel straffe madam.

“Toen ik zes jaar was, zijn mijn ouders uit elkaar gegaan. Niemand wou me. Eerst nam mijn mama me mee. Ze zwierde me in de laadruimte van de verhuiswagen, de hond op mijn schoot, in het pikkendonker. Dit klopt niet, dacht ik. Zes maand later kreeg mijn papa het hoederecht over één van de twee kinderen, en vermits mijn broer bij mijn mama wou blijven, moest ik naar mijn papa en zijn vriendin, een dominante vrouw die eigenares was van een bordeel. En zo groeide ik ook een groot deel van mijn kindertijd op in het prostitutie milieu. Het gevoel dat niemand me graag zag, werd sterker met de dag. Als kind kan je daar niet mee om. De waaromvraag palmde mijn leven in en ontnam me de kansen op een normale ontwikkeling. Nog altijd stel  ik me de vraag: waarom?”

HET VOETBAL

“Thuis kreeg ik geen eten, en dus pikte ik op school de boterhammen van andere kinderen. Ik werd gestraft en gepest. Diep van binnen, werd in kwaad. En toch… Hoezeer je ook in de steek gelaten voelt, als kind ben je altijd loyaal tegenover je ouders. Mijn papa kon er niet zijn  voor mij, hij was psychisch enorm ziek. Toch wou ik niet weg bij hem, want hij had mij nodig. Hij kon de scheiding met mijn mama niet verwerken en was niet opgewassen tegen mijn stiefmoeder.”

“Toen ik 11 jaar was, mocht ik voetballen. Ik geraakte er echter negen op de tien keer niet, omdat ik altijd eerst een lange lijst van huishoudelijke taken moest afwerken. Het deed een belletje rinkelen bij de trainer en zijn vrouw, Willy en Myriam. Dankzij een tussenkomst van een sociaal assistente, mocht ik bij hen intrekken.  Zij waren de eerste mensen in mijn leven van wie ik warmte en genegenheid kreeg. Ik verbleef drie maand bij hen, daarna plaatste de jeugdrechter me in een instelling.”

MENSEN DIE HET VERSCHIL MAKEN

“Eens uit die instelling, moest ik terug naar mijn moeder en stiefvader. En net zoals bij mijn stiefmoeder ging het misbruik verder. En ik moest zwijgen. Omdat ik ‘te dom’ was, moest ik ‘snit en naad’ volgen. Ik had geen gerief mee, maar werd niet gestraft. Twee leerkrachten keken breder en zochten wat de school voor leerlingen die het moeilijk hadden, kon betekenen. Ze trokken met ons naar de stad en kochten er gerief voor de hele klas. Ze waren altijd vriendelijk en lief, een van de twee  liet me zelfs een stuk toe in hun privéleven. Het raakte me diep. Ik ging nu elke dag naar school. Ik voelde  wat het kan betekenen, als mensen geloven in een ander mens, ongeacht zijn situatie. Ik besloot: wat ik was aangedaan, mocht niet voor niets zijn geweest.”

NIEMAND

“Op mijn achttiende ging ik weg van thuis. Ik overleefde, omdat ik altijd wel iemand vond waaraan ik me kon vastklampen, tot die me terug liet vallen. Ik voelde me niemand. Ik vroeg me af wat ik in deze rotmaatschappij liep te doen, verloor mijn pedalen, geraakte in een zware depressie, deed aan zelfverminking, geraakte verslaafd aan alcohol en drugs en werd opgenomen in de psychiatrie. Ik was lesbisch, maar trouwde met de eerste beste lieve man. Ons huwelijk liep spaak, maar ik kreeg wel een fantastische zoon , om wie ik nog altijd ontzettend blij ben.”

GROOT GELUK

“Ik zat vaak heel diep. Toch kwam ik altijd weer mensen tegen die me een warm gevoel gaven. Gewone jongeren, binnen het drank- en drugsmilieu. Professionele hulpverleners (leerkrachten, verpleegkundigen en maatschappelijk werker) die in mij geloofden als persoon om wie ik was , en mij niet veroordeelden omdat ik in een armoedesituatie zat. Mensen die zich zelf ook kwetsbaar opstelden, echt naar mijn verhaal luisterden en hun deuren letterlijk openzetten.”

“Dat 1 op de 7 mensen in ons land arm zijn, in een ongezond krot moeten wonen, geen waardig werk hebben, hun rekening niet kunnen betalen… is een schande voor onze samenleving. Terwijl die mensen hun kinderen wel graag zien en willen dat ze het beter hebben. Maar dat ziet de overheid niet. Die laat de menselijke zorg liever over aan de markt. Een zorgkundige vertelde me dat ze tien minuten heeft om iemand te wassen. Het lijkt op het bandwerk dat ik acht jaar bij Volkswagen deed. Ik ben erg verontwaardigd, wil vechten, stem zijn voor wie niet meetelt, tegen het asociale beleid dat onze regeringen voeren.”

NIET VOOR NIETS GELEEFD

“Ik was bijna 40 toen ik de opleiding ervaringsdeskundige in de armoede en sociale uitsluiting kon volgen. Een zware confrontatie met mezelf, maar het was dé kans om te bewijzen dat mijn leven – dat van een ongewenst kind – niets voor niets was geweest. Intussen heb ik bijna 15 jaar voor Samenlevingsopbouw Brussel gewerkt, en werk ik sinds twee jaar voor Welzijnszorg en Welzijnsschakels. Het is een kans waar ik mijn talenten kan ontwikkelen, en mijn ervaring en kennis kan inzetten voor andere mensen in maatschappelijke kwetsbare situaties. Dat er geen antwoord komt op mijn grote waarom-vraag, heb ik moeten leren aanvaarden. Ik ben wel blij dat wanneer ik na een zware dag thuiskom, mijn vriendin er is, en ik nog efkes kan babbelen. En dat ik collega’s heb, bij wie ik de emoties die ik jarenlang moest inslikken, kan uiten en delen.  Zij zijn mijn buffers.“

Vandaag mag ik leven en moet ik niet meer overleven toch zijn er nog veel te veel mensen die dit niet kunnen, voor hen moeten we de krachten bundelen en samenwerken meer dan ooit!

50 jaar welzijnszorg

Van Pinksteren 2019 tot Pinksteren 2020 viert Welzijnszorg haar 50ste verjaardag. Dat komt omdat de allereerste campagne van Welzijnszorg gelanceerd werd met Pinksteren 1969. Ze vieren ‘onder protest’ omdat armoede al lang aangepakt en opgelost had moeten zijn. Maar wel blij en dankbaar voor zoveel medestanders die zich vrijwillig en professioneel inzetten om armoede te bestrijden. De solidariteit die zij om zich heen zien, in de projecten en bij organisaties die de strijd delen, sterkt hen om verder te doen.

Want armoede kan en mag niet in ons welvarend en democratisch land.

Meer lezen over Welzijnszorg

 


Foto: Jurgen Doom

Reacties

Marie-Rose De Block schreef

Praachtige getuigenis Caro!

Leendemaeseneire schreef

Dag Caro, wat hadden wij een luxejeugd en we beseften het niet.

Hoe sterk en wilskrachtig kan een mens zijn?

Dat heb jij bewezen, Caro.

Pet af, ook voor de mensen die je omringen met de warmte die jij zolang moeten missen hebt.

Een dikke pluim voor dit openhartig gesprek.

X

Leen en Mark

Van den Abeele Tom schreef

Dag Caro,

ik heb vroeger ook een tijdje in Brussel gewerkt met mensen in armoede. Ik heb je toen leren kennen als een enorm authentiek en gedreven persoon. En nu jaren later, na het lezen van dit artikel, valt het me op dat je nog altijd dezelfde kracht hebt om te blijven opkomen voor kwetsbare mensen in onze samenleving. Ik bewonder je oprecht in wie je bent en wat je realiseert. Groeten, Tom

Josee Van de Wiele schreef

Caro, ik heb je altijd bewonderd en... het wordt tijd dat we nog eens afspreken bij een goede Brusselse pint om bij te praten! Josee Van de Wiele

Hebbelinck Maria schreef

Go Go Caro, je bent TOP ❤

Jan Vannoppen schreef

Dankjewel! Moedige getuigenis en er zit Hoop in: dat het ondanks tegenslagen en afwijzing, toch nog goed kan komen. Wat daarvoor nodig is? Mensen met oog voor elkaar, een warme samenleving...

Godelieve Terlaeken schreef

Dag Caro, je naam deed meteen een belletje rinkelen! Ik heb je ontmoet toen jij in Brussel werkte voor Samenlevingsopbouw, denk ik - ik vond je toen al een straffe madam met het hart op de juiste plaats. Misschien zeggen we dat soms te weinig.

Rita schreef

Mijn hoed af voor jou Caro!

Lieve N schreef

Dank voor je verhaal. Ik geeft het door.

Rita Verstraeten schreef

Mensen als Caro doen me beseffen dat sommige mensen het ongelooflijk moeilijk hebben en dat we soms zo vlug oordelen en veroordelen. We moeten verder kijken dan wat we op het eerste zicht zien en ons hart open zetten. Warmte en respect kunnen zoveel doen. Chapeau Caro dat je je ervaring en talenten gebruikt om kansarmen en gekwetsten bij te staan.

Christa schreef

Dank je Caro voor je verhaal. Ik wens je verder het allerbeste toe.

Reageer