Mieke Ulens: toegewijde, progressieve en innemende gynaecologe

{$items.title}

Veel Leuvense vrouwen, samen met andere vrouwen over de hele wereld, zullen zich dr. Mieke Ulens nog herinneren, de toegewijde, progressieve en innemende gynaecologe die zoveel kinderen op de wereld zette. ‘Een heel dorp’, antwoordde haar man, op de vraag hoeveel er dat waren. Zelf staat ze er niet op dat men haar als dokter aanspreekt, maar de odyssee die Mieke moest afleggen voor ‘dat papiertje’ dat de officiële erkenning als verloskundige betekende, rechtvaardigt naar mijn mening die titel dubbel en dik.

In het kader van de ‘Erfgoedoproep 50 jaar feministische geschiedenis’ van het Archief- en Onderzoekscentrum voor Vrouwengeschiedenis hadden Els Flour en ik een warm menselijk en memorabel gesprek met Mieke Ulens. Hoewel Mieke zichzelf niet onder de benaming feministe plaatst, heeft ze zich een leven lang ingezet voor ‘de verdediging van vrouwen en vooral van moeders’, zoals ze het zelf liever verwoordt. Ik voelde me die namiddag deel van drie generaties feministische ervaringen.

Bij haar geboorte in 1933 plaatst ze zich meteen in een lijn van sterke vrouwen. Haar grootmoeder aan moeders kant kreeg rond 1902 op basis van haar capaciteiten de vraag om de Huishoudschool in de Lange Steenstraat in Gent op te richten. Haar moeder Yvonne De Vreese schreef handleidingen Duits voor middelbare scholieren. En dat in een tijd dat werkende moeders uitzonderingen waren. Mieke leerde de Duitse taal door samen met haar de drukproeven van die boeken na te lezen.

De 16-jarige Mieke vraagt aan haar vader, germanist en topograaf, of ze voor dokter mag studeren. Met een bang hartje, want een oudere zus met dezelfde wens was al in de voetsporen van vader moeten treden en kreeg geen andere keuze dan de studies taalkunde. De reactie van de vader op Miekes vraag was: ‘Ben je van plan om te trouwen?’. Een ‘neen’ als enig mogelijke antwoord opent de poort naar de studies geneeskunde. Een ‘ja’ zou het toen algemeen aanvaarde idee oproepen dat dergelijke scholing voor meisjes die toch van plan zijn om hun beroep niet uit te oefenen, verloren geld en inspanning is.

In haar laatste jaar geneeskunde loopt Mieke stage in de kliniek St Rafaël in Leuven. Ze vertelt daarover:

‘Wij, de internen, hadden inslapende wachtdiensten.
Alle mannelijke assistenten sliepen tussen hun interventies door op dezelfde gang in heuse bedden.
Wij waren met twee vrouwen, en we sliepen … elk op drie stoelen in de verpleegwacht.’

Wanneer ze dit vertelt, gaat ze bijna fluisteren alsof het nog steeds gewaagd is om dit gebrek aan respect te delen en alsof ze plaatsvervangende schaamte voelt.

Na haar basisopleiding geneeskunde in 1958 kiest Mieke voor de specialisatie verloskunde, maar de wereld, en meer bepaald de mannelijke, academisch medische wereld, blijkt niet klaar om vrouwen in haar rangen op te nemen. Hiermee treedt ze in de voetsporen van de vroedvrouwen, die met al hun kennis en ervaring al eeuwenlang strijd moeten leveren voor hun gerechtvaardigde plaats aan de zijde van bevallende vrouwen.

De geschiedenis van de vroedvrouwen leert dat die bekwame vrouwen op een bepaald moment letterlijk aan de kant moesten gaan staan. Het begon in de 13e eeuw toen opkomende universiteiten aan vrouwen de toegang ontzegden en mannen het alleenrecht kregen om instrumenten te gebruiken. Gedurende de volgende eeuwen krijgen vroedvrouwen te maken met verdachtmakingen van hekserij. Door de medicalisering van het vrouwenlichaam in de 19e eeuw nemen dure, mannelijke genees’heren’ steeds meer hun plaats in en drijven de vroedvrouwen verder in een dienstverlenende positie.

Gedurende het hele gesprek met Mieke klinkt haar bewondering en waardering voor de talrijke vroedvrouwen waarmee ze samenwerkte. Voor haar is ‘de vroedvrouw de persoon die het verloop van de bevalling opvolgt, de eventuele verwikkelingen inschat en doorgeeft aan de dokter.’ Als jonge vrouwenarts ervaart ze aan de lijve hoe ook zij als vrouw een bijrol krijgt bij de medische benadering van het vrouwenlichaam, dat paradoxaal genoeg tot het domein van de mannelijke gynaecoloog is verklaard.


De odyssee voor haar erkenning als verloskundige start in 1959 in Lovanium, een afdeling van de Katholieke Universiteit Leuven in toenmalig Belgisch-Kongo. Vervolgens doet ze heel bruikbare ervaring op in de specialisatie chirurgie in de kliniek van Torhout. Dan volgen gynaecologie-opleidingen in Israël, Montpellier, Parijs, Eindhoven en uiteindelijk Rotterdam en Schiedam.

In 1967 gaat Mieke werken aan de universiteit in Rwanda waar ze de enige gynaecologe is in heel het land. Op haar 35 jaar trouwt ze met een Belg die ze in Rwanda heeft leren kennen. Ze krijgen zes kinderen. Onder andere haar ervaringen als verloskundige in dat land schrijft ze neer in een boek dat dit jaar verscheen. Ik citeer uit de aankondiging:

‘Mieke Ulens is meer dan veertig jaar gynaecologe geweest. In de herfst van haar leven bundelt zij haar kennis en ervaringen rond natuurlijk bevallen. Ze plaatst de schijnwerpers met cultuursensitieve aandacht op de moeilijke context van ontwikkelingslanden in de jaren zestig. Met gezond medisch verstand, een nuchtere kijk en al eens een kwinkslag getuigt dit boek van een grote toewijding en liefde voor het vak van een vrouwenarts.’

Na 3 jaar in Rwanda start ze in 1970 als vrouwenarts in België. Ze gebruikt technieken die onder Westerse vroedvrouwen en gynaecologen nauwelijks (nog) bekend zijn en die ze uitgebreid beschrijft in haar boek. Voor die tijd is ze met het scheppen van de mogelijkheid voor thuisbevallingen baanbrekend in België. Niet onverwacht roept haar keuze behoorlijk wat tegenstand op in de gevestigde medische wereld.

De tegenstelling met haar ervaringen in haar opleiding in Nederland, waar bevallingen in een ziekenhuis slechts gebeurden als er een aantal tegenindicaties zijn voor een thuisbevalling, kan niet groter. ‘De Nederlandse Kloostermanlijst, officieel de Verloskundige indicatielijst genoemd, ben ik met regelmatige aanvullingen heel mijn leven blijven gebruiken’, zegt ze met gepaste beroepsfierheid. ‘Dit register bevat alle mogelijke situaties die volgens de regels van de kunst in een ziekenhuis moesten behandeld worden. In Nederland was het zo dat een zwangere vrouw recht had op terugbetaling van een hospitaalbevalling als ze volgens die lijst in aanmerking kwam’.

Na zware klappen in haar persoonlijk leven besluit ze, samen met haar dochter Rut, om zich nog meer te focussen op dienstbaarheid aan mensen voor wie het leven niet meezit. Via haar inzet voor de raadpleging van Kind en Gezin in de gemeente Molenbeek komt ze in contact met veel allochtone vrouwen en kinderen. In 1999 is ze mede-initiatiefneemster van ‘A place to live’. Deze vrijwilligersorganisatie, die nog steeds bestaat, maakt uitstappen en vakanties mogelijk voor maatschappelijk kwetsbare moeders en vaders, kinderen, jongeren, families en alleenstaande ouders. Mieke legt de nadruk op het feit dat ‘A place to live’ heel laagdrempelig is.

‘We maken absoluut geen onderscheid tussen arm of rijk, mensen met of zonder papieren, … , en we werken onafhankelijk van welke zuil ook.’

In 1984 neemt ze samen met mensen van ‘A place to live’ deel aan de Vrouwenvredesmars. Een pancarte aan de buitenmuur van haar huis getuigt daar nog van. De energie van de samenhorigheid die ze toen heeft meegemaakt, gloeit nog na wanneer ze over die ervaring vertelt.

‘Het was een breugheliaans tafereel zoals we in Leuven door de velden vertrokken’, zegt ze met pretlichtjes in haar ogen. ‘Aan het eindpunt van de manifestatie, in het Jubelpark in Brussel, verkochten wij soep, noten en wafels voor onze organisatie. We waren de laatsten die eten hadden en maakten velen blij doordat we hen nog iets voedzaams konden aanbieden. En … wie onze kartonnen bordjes hergebruikte, kreeg twee noten gratis!’

Hoed af voor deze vrouw!

Mieke Ulens:

 

Reacties

Myriam maes schreef

Toffe madame! Ik heb een zeer grote bewondering voor dit soort dames..

Greet schreef

Zij heeft mij begeleid in mijn drie zwangerschappen, twee van de drie heeft ze op de wereld geholpen, waarvan een thuis .

Chapeau voor een grote dame.

Marleen Van den Bosch schreef

Dank zij Mieke ulens durfde ik het aan om thuis te bevallen van mijn eerste kind, zij was er bij. Als gynaecologe mocht ze niet aan huis komen, als "huisarts" wel. Mij twee volgende kinderen zijn ook allebei thuis geboren. Dankbaar! En ze zette me ook ooit op mijn nummer toen ik een echo vroeg omdat ik wou weten hoe groot de baby was. Dit soort tierlantijntjes waren niet aan haar besteed. Het leeft is gezond, en groeit goed. Waarom nodeloze onderzoeken om cm te kennen? Of ik dankbaar kon zijn dat alles goed liep? Confronterend toen om te horen en zo waar. Een vrouw uit één stuk.

Reageer