Dankjewel, Gusta

{$items.title}

Vandaag vond de uitvaartdienst van Gusta Frooninckx plaats, in beperkte kring, gezien de coronamaatregelen. Wie was Gusta en wat heeft ze voor Femma betekend?

Gusta werd geboren in een bescheiden landbouwersgezin met 8 kinderen, in 1926. De Tweede Wereldoorlog kortwiekte haar droom om naar de sociale school te gaan in Brussel. Ze werd regentes. Na een korte loopbaan in het onderwijs engageerde ze zich in (V)KAJ en van 1966 tot 1987 werkte ze voor KAV (nu Femma), de laatste jaren als algemeen secretaris. Ze organiseerde hier in samenwerking met kwb de gezinswerking, werd diensthoofd van de sociaal-culturele werking en tot slot algemeen secretaris. In 1987 ging ze met pensioen maar ze zat niet stil: ze bouwde ook Similes vzw verder uit (een belangenorganisatie voor de naasten van mensen met een psychische aandoening) en wijdde zich aan de schilderkunst.

In september 2009 had ik een lange babbel met deze gedreven dame, in haar mooie tuin. (Het hele interview werd gepubliceerd in de Gids op Maatschappelijk Gebied, september 2009, rubriek ‘Confessiones’.) Ze gaf me een inkijk in haar straffe, geëngageerde werk in Femma, dat bepaald niet van een leien dakje liep. 

'Engagement heb ik met de moedermelk en met de vaderlepel meegekregen. Mijn ouders waren zeer gelovige, eenvoudige boerenmensen die toch de kans hadden gekregen om iets langer, tot hun twaalfde, naar school te mogen gaan. Ze waren heel sociaal voelend en ook politiek geengageerd. Daarnaast was er 'natuurlijk de enorme impact van Mgr. Cardijn. Die man heeft me getroffen Cardijns adagium was: door eigen werk sterk. Dat geldt ook voor mij. lk heb spijt dat ik niet meer onderwijskansen heb gekregen, maar ik heb heel veel te danken aan mijn loopbaan. Dat was mijn universiteit.'

'ln 1966 ben ik naar KAV gegaan. De late jaren zestig waren een bewogen tijd. ln 1968 publiceerde de Kerk de encycliek 'Humanae vitae'. lk was toen verantwoordelijk voor de gezinswerking, in samenwerking met KWB, en voor de jongevrouwenwerking. Om in te spelen op wat toen leefde, lanceerden we het idee om elf bijlagen in 'Vrouw en Wereld' te publiceren over gezinsplanning: van periodieke onthouding, over coïtus interruptus tot de morning after pill en kunstmatige inseminatie. Het bestuur gaf ons groen licht, op voorwaarde dat we ons professioneel zouden laten omringen. Professor Renard en zijn jonge assistent Piet Nys hielpen ons met de samenstelling van de inhoud. Elke maand ging ik naar het bureau van de prof en las hem de tekst voor. Hij dicteerde mij de aanpassingen die hij nodíg vond. Dit initiatief ging niet onopgemerkt voorbij. Er kwam massaal veel reactie.

‘Deze periode was voor mij heel zwaar, in alle opzichten. lk ben zeer katholiek opgevoed. Maar wat de Kerk toen vooropstelde, strookte niet met mijn visie. lk had daarover toen veel contacten met priesters. Sommige bevochten die strakke kijk van de Kerk, anderen plooiden zich terug op zichzelf. Ook heel wat artsen zaten gewrongen met de visie van de Kerk. Ze kregen vooraanstaande kerkgangers met vruchtbaarheidsvragen over de vloer, doorgestuurd door een kerkelijke hoogwaardigheidsbekleder, maar officieeI was geboorteplanning onbespreekbaar. lk voelde me zo ontgoocheld. Ik overwoog meer afstand te nemen van de Kerk als instituut. Een gesprek met professor Ghoos, moralist, die ik kende, bracht inzicht. lk zou van buiten uit tegen de schenen van de Kerk kunnen schoppen, of proberen van binnenuit dingen te veranderen. lk heb voor het tweede gekozen.'

'Zelf ben ik nooit getrouwd. (…)Thuis hoopte mijn moeder dat minstens één van haar vijf dochters haar het klooster zou gaan. Dat was niets voor mij. Maar mijn engagement in de Beweging was nauwelijks te combineren met een relatie, laat staan met een gezin. Het zou me heel sterk beperkt hebben. Voor een vrouw lag dat toen heel anders dan voor een man. Wie trouwde, bleef thuis. Door die trouwcursussen te organiseren, werd ik me geleidelijk wel bewust van alles wat ik uiteindelijk nooit zou hebben. De volle impact van die keuze merk ik nu pas, nu ik ouder ben. De waarde van kinderen en kleinkinderen hebben, voel ik nu nog veel sterker aan. Maar mijn levenskeuze heeft me andere, boeiende en waardevolle kansen geboden. Daar ben ik gelukkig en dankbaar voor.'

Dankjewel, Gusta, voor je engagement in Femma/KAV. Wij plukken daar nog elke dag de vruchten van.

Eva Brumagne

Lees ook in onze 100 verhalen het verhaal van Simone Creyf die samen met Gusta werkte rond verantwoord ouderschap.  

Reacties

Mia Lenaert schreef

Verwijlen bij Gusta

11 februari nam ik virtueel deel aan de afscheidsviering van Gusta Frooninckx. Op het eind werd er gezegd: “Gusta verlegde meer dan één steen in de rivier.” Ik weet dat het heel vele stenen waren...

Als verantwoordelijke jonge vrouwenwerking in het KAV verbond Leuven leerde ik Gusta kennen als een gedreven, stimulerende, nationale verantwoordelijke van de Sociaal Culturele Werking. Onder haar verantwoordelijkheid groeide het enthousiasme voor een nieuw en ander vormingswerk. De jong vrouwen groepen in KAV schoten als paddenstoelen uit de grond.

De samenleving was eind jaren zestig in volle omwenteling. Oude patronen deden het niet meer. Het leven van de jonge vrouwen kon zich niet meer spiegelen aan dat van hun moeders. Er was zoveel nieuws te ontdekken en te ervaren. En Gusta dacht mee.

Onder haar begeleiding, en vanuit haar ervaringen met VKAJ en verloofden cursussen werd heel veel mogelijk. Een nieuwe aanpak schuwde ze niet en haar medewerksters kregen ruimte om creatief en vooruitstrevend interessante thema's uit te werken.

Niet alleen was ze mee verantwoordelijk voor vele boeiende vormingsdagen voor de verbondelijke en nationale beroepskrachten (toen vrijgestelden genoemd), ook de vorming van de vele lesgevers die in de afdelingen de uitgewerkte thema's begeleiden kregen haar aandacht.

Later kwam ik in haar dienst terecht op het nationaal secretariaat. De gezinswerking, waar ik toen mee de verantwoordelijkheid voor had, lag haar nauw aan het hart. Onder haar stimulans werden heel wat initiatieven genomen samen met KWB om man en vrouw, als partners, als ouders samen te bereiken. En het vormingstraject mocht zeker van het gewone afwijken.

Zo herinner ik mij het vormingstoneel “Trouwen is houwen” met het toenmalige Brialmont theater, waarin goede communicatie tussen echtgenoten centraal stond. Ook de ochtendseminaries bloeiden onder haar leiding. Groepjes vrouwen die in vele afdelingen ‘s ochtends samen kwamen om onder begeleiding ervaringen uit te wisselen. Ervaringsgericht leren. De mondigheid stimuleren. Heel wat dames die niet de kans gehad hadden om verder te studeren namen hier met enthousiasme aan deel. Dit vormingsmodel is jarenlang blijven leven. Ook dit was een streven van Gusta, nieuwe kansen geven!

Dit zijn maar enkele van de vele ervaringen die we samen deelden. Het was boeiend werken samen met Gusta op onze dienst. Later werd ze algemeen secretaris en kreeg ze andere verantwoordelijkheden.

Gusta kon ook heel goed luisteren, wist velen raad te geven over grotere en kleinere problemen. En kon altijd wel verwijzen naar een deskundige uit haar uitgebreide kennissenkring.

Ze werd in de loop der jaren een goede vriendin van ons gezin en we deelden elkaars familiale wel en wee, leefden mee met haar inzet voor Similes, haar deugd aan het schilderen, haar opname in het verzorgingstehuis, waar we haar de laatste jaren, af en toe, gingen bezoeken.

Gusta, je hebt ook mij veel kansen gegeven. Ik neem je mee in mijn hart.

Mia Lenaert

VERA DE SMET schreef

Het is mooi om nog vrouwen deze ervaringen te verklaren die in het verleden weinig of geen opleiding konden krijgen en kansen gekregen hebben in CARDIJN zijn scholing (zoals ikzelf )

IEDER MENS IS EVEN WAARDIG dat heeft mij ook recht gehouden.

GROETJES aan alle oud leden van VKAJ

Vera de smet toen Dendermonde

Reageer