Fabels uit de oertijd

‘Vrouwen zijn minder stressbestendig dan mannen, ook al heb je uitzonderingen. Mannen zijn in de natuur gemaakt om te vechten, terwijl vrouwen achterbleven en pas vluchtten toen er gevaar om de hoek loerde. Vrouwen hebben daarom ook zintuigen die beter ontwikkeld zijn. Hun intuïtie is beter dan mannen, ze zijn alerter. Mannen zijn door hun testosteron gedreven en kijken vooral naar de toekomst. Ze worden niet afgeleid door details’. (uit: auteur Leen Steynaert in De Zondag, 23 april)

‘Vrouwen zijn over het algemeen beter in het type leiderschap waar het bedrijfsleven vandaag nood aan heeft: menselijk, coachend en efficiënt.’ Bron:  Randstad.be

‘He-ontbijt: spek met eieren. She-ontbijt: yoghurt met granola en gojibessen’ (uit Mechelse menukaart).

Van de koffiebar over populaire boeken en kranten tot gespecialiseerde berichtgeving:  zo wat elke dag worden we met onze neus op vermeende grote verschillen tussen mannen en vrouwen gewezen. Geprogrammeerde verschillen die dateren van het stenen tijdperk toen mannen avontuurlijke jagers op groot wild waren en vrouwen hoogstens wat besjes plukten maar voornamelijk ‘thuis’ bleven en voor de kinderen zorgden. Maar klopt dit wel? 

De mythe van de avontuurlijke jagende man en de zorgende huiselijke oervrouw kreeg al een stevige wetenschappelijke knauw. In de jager-verzamelaarsgemeenschappen waren mannen en vrouwen gelijk, namen vrouwen ook deel aan het jagen en zorgden de vaders ook voor de kinderen.
En dat mannen een soort van agressieve risico minnende testosteronbommen zijn, klopt evenmin. Ze zijn van nature niet minder zorgzaam dan vrouwen en de financieel-economische crisis had niet vermeden kunnen worden als Wall Street meer vrouwelijke bankiers had geteld. Dat toont wetenschapster Cordelia Fine haarfijn aan in ‘Testosteron Rex’.

‘Op onze genitaliën na is onze sekse verrassend dynamisch’, schrijft ze. ‘Ze staat niet alleen op voor de invloed van genderconstructies, ze vertrouwt er ook deels op. Evenmin zadelt onze sekse ons op met mannelijke hersenen en vrouwelijke hersenen of met mannelijke naturen en vrouwelijke naturen. Er bestaan geen fundamenteel mannelijke of vrouwelijke eigenschappen, zelfs niet wanneer het gaat om karaktertrekken als concurrentiedrang en het nemen van risico’s, die zo vaak worden aangehaald om uit te leggen waarom mannen makkelijker de top kunnen bereiken.’

Nog niet eens zo lang geleden, ‘konden’ vrouwen geen leiding geven. Nu hebben we (de zakenwereld) nood aan ‘vrouwelijk leiderschap’. Wel, vrouwelijk leiderschap bestaat niet. Het stereotiepe beeld dat vrouwen zacht en gevoelig leiding geven en mannen krachtig en dominant, klopt niet.  Evenveel vrouwen als mannen geven ‘zacht en gevoelig’ dan wel ‘krachtig en dominant’ leiding. En goed leiderschap heet ‘androgyn’ te zijn: hartelijk, begripvol en ondersteunend en krachtig de lijnend uitzettend.

‘De mythe van de Lehman Sisters die betoogt dat Lehman Brothers nooit failliet was gegaan als ze bestuurd werd door vrouwen, plaatst vrouwen weer in een moederrol’, schrijft Cordelia Fine. ‘Ze mogen het excessieve risicogedrag van mannelijke collega’s intomen en de rotzooi van organisaties opruimen.’

We hebben nood aan meer vrouwen in onze regeringen, banken, bedrijven en organisaties. Maar niet omwille van niet bewezen ‘vrouwelijke’ eigenschappen als ‘menselijk’ (mannelijke leiders zijn dus niet menselijk?), zacht en gevoelig.  De clou zit hem in de diversiteit. Samenlevingen, organisaties, bedrijven die divers zijn samengesteld en divers bestuurd worden, zijn gewoon succesvoller. 

Blog van Ilse De Vooght

Reageer